zaterdag 7 juli
Van: Groningen
Naar: Kuestenkanal
Als we om half zeven opstaan en gaan varen, is de bunkerboot bij de
schippersplaatsnog (lang) niet geopend, zodat we zonder bijtanken door
de Oostersluis en vervolgens door het Eemskanaal varen. Omdat we voor de
zeesluis van Delfzijl even moeten wachten zien we kans de onderweg geleegde
can weer met diesel te vullen bij de bunkerboot aldaar. Dan varen we (via de
sluis) de haven uit en de Dollard op. Daar staat een pittig zeetje. Een drietal
hoge golven doen de cilinder van de rolfok over de mast heenslaan, zodat Annet
naar voren moet om de zaak weer te klaren. Dat levert geen problemen op en voor de
rest blijft het vrij rustig. We hebben de stroom inmiddels volop mee en
halen snelheden tot boven de 8 en regelmatig ook boven de 9 knopen! Zodoende
zijn we in recordtijd om 14.30 in Herbrum. Helaas speelt de sluiswachter
ter plaatse weer de rol van dwarsligger (zoals we hem al vaker meegemaakt
hebben!) en kunnen we met de andere aanwezige sportboten pas na een volle
twee uur wachten door de sluis. Boellingerfaehr gaat snel, maar Doerpen
duurt ook weer een half uur wachten. Jammer, jammer ... daardoor varen
we pas om 18.30 het Kuestenkanaal op. Tijdens de wachtperiode maken we
kennis met een jong stel uit Amsterdam, varend in een Ocean 21, een klein
kajuitjachtje. Op de Eems waren we ze al tegengekomen, toen we ze inhaalden
terwijl ze de rivier op voeren met een buitenboordmotor. Ze blijken het
fijn te vinden wat ervaringen te kunnen uitwisselen. Bij nadere kennismaking
blijken ook zij een ligplaats te hebben in Hemmeland in Monnickendam! We
stomen door tot 22.00 en vinden dan een aanlegplaats voor een locale rondvaartboot,
die momenteel niet aanwezig is. Volgens de aanplakbiljetten ligt hij verderop
aan een kade om gerepareerd te worden. Wij maken dankbaar van de stilzwijgend
geboden gelegenheid gebruik en overnachten ter plaatse voortreffelijk!
zondag 8 juli
Van: Kuestenkanal
Naar: Oldenburg
Om half acht staan we op en varen vrijwel onmiddellijk daarna. Onderweg
ontbijten we met kaas en een gekookt eitje en varen intussen verder naar
Oldenburg, waar we om 10.00 hopen aan te komen. De sluis zal namelijk volgens
de zondagsregeling alleen tussen 09.00 en 12.00 uur bediend worden. Dat
hopen we dan ruim te halen. We nemen ons voor daarna in Oldenburg te blijven
liggen, omdat het gunstige tij om Bremerhaven te halen dan inmiddels toch
al verlopen is. Misschien gaan we 12 uur later (vanavond dus) nog die kant
uit, maar het is ook mogelijk dat we maandag pas gaan. Per slot is de zondag
een rustdag!
Omstreeks 11.00 uur kunnen we door de sluis. De 'Amsterdammers' komen
dan ook net aanvaren en gaan met ons door de sluis. Tevens komen we hier
een stel andere oude bekenden tegen: een echtpaar uit Bergum, dat we al eens
eerder op de Eems hebben getroffen. Zij besluiten met het eerstvolgende
hoogwater (omstreeks 17.00) door te varen naar Bremerhaven.
Wij gaan echter in Oldenburg liggen, zij het niet op de droogvalplaats.
Daar hebben we genoeg negatieve ervaring mee opgedaan!
De middag besteden Jacco en ik om brandstof te vergaren. Dat heeft
nog heel wat voeten in de aarde. De dichtsbijzijnde pomp blijkt namelijk
gesloten te zijn en de eerstvolgende ligt op zo'n 3 kilometer afstand!
Dat wordt dus een behoorlijk stuk lopen. Gelukkig vinden we op de haven
een aanhangkar voor een fiets, die we onmiddellijk requireren voor onze
doeleinden. Tegen 17.00 zijn we wat brandstof betreft weer helemaal opgetopt.
's Avonds halen we drie 'Doener Kebabs', die (zoals we bij ons vorige
oponthoud in Oldenburg hadden ervaren!) heel goed te eten zijn.
Van de havenmeester hebben we dan inmiddels vernomen dat hoogwater
morgenvroeg om 07.00 uur is, dat we een uur voor hoogwater verondersteld
worden te vertrekken en dat de spoorbrug een kwartier voor dat tijdstip
even per marifoon op kanaal 73 gewaarschuwd moet worden, zodat hij op tijd
gedraaid wordt. Het blijkt de volgende morgen allemaal precies zo te gaan
als hij gezegd heeft!
maandag 9 juli
Van: Oldenburg
Naar: Otterndorf
Om half zes (!) gaat de wekker en staan we (lichtelijk kreunend) op.
Ook de 'Amsterdammers' zijn druk in de weer om hun boot vaarklaar te maken.
Wij gooien los en ik roep per marifoon op kanaal 73 de brugwachter op,
die bereid blijkt binnen vijf minuten de brug te draaien. Omstreeks 6 uur
varen we dus door de geopende brug en stomen de Hunte af in de richting
van de Weser. Het eerste uur hebben we nog een knoop stroom tegen, maar
ter hoogte van Elsfleth begint de stroom mee te lopen. Vanaf dat moment
tot in Bremerhaven komen we eigenlijk niet meer onder 8 knopen: minimaal
2 knopen stroom mee dus! Op bepaalde momenten op de Weser halen we zelfs
meer dan 9 knopen! Het is dan ook om 10.15 dat we tussen de havenhoofden
van Bremerhaven arriveren. Terwijl we onder de brug doorvaren zien we 'Bergum'
aan de steiger voor de kant liggen. Die zijn kennelijk eerst nog inkopen
doen in Bremerhaven en hebben nog geen zin om verder te gaan.
Het blijkt trouwens dat ze daar met hun 1.40 diepgang ook niet toe
in staat zouden zijn, want het is bij laag water in Bremerhaven zo ondiep,
dat zelfs wij (met onze 1.10) nu en dan amper 50 cm wateronder de kiel
hebben! We varen dan ook heel langzaam precies in het midden van het vaarwater
in de richting van de keersluis. Daar komen we tegen 11.00 uur aan. Nog
geen enkel teken dat de sluis geopend zal gaan worden. Omdat de keersluis
open staat, loopt er een behoorlijke stroom, die het aanleggen aan de damwal
moeilijk maakt. Ik loop geen risico en draai de boot (met wat ingewikkelde
manoevres) in het nauwe vaarwater en vaar weer richting Bremerhaven. Gelukkig
heeft Jacco het telefoonnummer van de sluiswachter bij de hand, zodat we
met de mobiel even kunnen informeren wanneer hij van plan is de sluis te
draaien. Dat blijkt om elf uur te zijn. Opgelucht draai ik de boot dus
weer en stoom langzaam naar de sluis toe. Die loost eerst een bootje uit
de richting van de Geeste en daarna kunnen wij erin. Om 11.15 varen we
richting Bederkesa. Naar ik vrees houden we ons (wederom!) niet precies
aan de officiele snelheid van 8 kilometer per uur, hoewel we er ook niet
gruwelijk veel overheen gaan. Tegen 14.00 zijn we in Lintig. Daar blijkt
de sluis in reparatie te zijn. Geheel tegen onze zin moeten we op last
van de sluiswachter een kaartje kopen bij de automaat. We doen dat liever
niet, omdat dan in Otterndorf het tijdstip van passage gecontroleerd kan
worden, waarna bij te snel varen eventueel een boete volgt. Ik zeg dan
ook dat ik alleen papiergeld bij me heb en wel uitsluitend 100 DM biljetten.
Dat blijkt (helaas) echter geen probleem. Hoewel ik des sluismeesters complete
wisselgeldbestand plunder ziet hij kans mij voldoende munten te verstrekken
zodat ik er niet meer onderuit kan om een kaartje uit de machine te halen.
Dat doen we dan ook en gaan na het doorvaren van de sluis over op plan
B.
Dat bestaat daarin, dat we eerst een uur boodschappen doen in Bederkesa
(lijm en schroeven moesten we toch nog hebben!) en daarna met onze oude
snelheid richting Otterndorf stomen. Daar komen we aan omstreeks 18.30
, ruim op een tijdstip dat geen verdenking wekt van te snel varen!
We leggen de boot naast een voor de kant liggend motorjacht. De eigenaar
ervan vindt dat bij terugkomst niet leuk (wat hem de uitspraak 'Komiker'
ontlokt), maar daar trekken wij ons niets van aan! Als de Duitsers bij
ons kuilen op het strand mogen graven, mogen wij onze boot wel naast de
hunne afmeren!
Jacco en ik maken nog een kleine wandeling naar de buitenhaven en vervolgens
gaan we niet al te laat naar bed.
dinsdag, 10 juli
Van: Otterndorf
Naar: Rendsburg
De volgende morgen zijn we om 07.30 wakker en wordt om 08.00 uur de
sluis gedraaid. Eerst komen er wat schepen van buiten naar binnen en daarna
mogen wij gesluisd worden. Wij komen (hoewel we vrij laat de kolk binnenvaren)
als een van de eersten naar buiten. We wisten dat nog van een vorige keer,
zodat we geen pogingen hebben gedaan om voor te dringen. Dat werkt hier
averechts!
Tussen 08.30 en 09.00 varen we de haven in. We vinden zonder problemen
een lege ligplaats aan de middensteiger en vangen aan met het zetten van
de mast. Omstreeks 10.15 staat het ding en drinken we koffie. Wel wordt
ons duidelijk, dat het hebben van een stappenplan voor het zetten van de
mast geen overbodige luxe is. Hoewel de procedure elke keer dezelfde is,
lopen we toch telkens tegen nieuwe en onverwachte probleempjes op. Met
een stappenplan zou dat mogelijk voorkomen kunnen worden.
Jacco en ik besluiten daarna naar Otterndorf te lopen. Dat doen we
en kopen daar een krant, waarna we ons aan ijs te buiten gaan. De hoeveelheid
is echt Duits te noemen: we hebben behoorlijk tijd nodig om het te verstouwen.
Maar het is erg lekker.
Na het inwinnen van inlichtingen blijken we op anderhalf uur na laag
water in Otterndorf de haven te kunnen verlaten. De 'Amsterdammers' volgen
ons op de voet. Na het starten van de motor blijft de piezopieper van het
motorpaneel helaas piepen, hoewel er absoluut geen problemen met de motor
zijn. Koelwatertemperatuur is normaal, olie is gecontroleerd, stroom gaat
perfect. Ik besluit al varende de stekker van de piezopieper los te trekken,
zodat we in elk geval van het hinderlijke lawaai verlost zijn. In een kleine
twee uur bereiken we Brunsbuettel. De sluis wordt helemaal volgestampt
met watersporters en weldra kunnen we het kanaal op. Na diesel getankt
te hebben bij de bunkersteiger varen we verder richting Dueckerswisch.
Omdat we daar al om 17.30 aankomen, besluiten we verder te varen. Eerst
overwegen we bij de Gieselau sluis te gaan liggen, maar uiteindelijk beslissen
we door te varen naar Rendsburg. Vlak voor we de draai naar Rendsburg kunnen
maken, barst een gigantische regen- en onweersbui los. Gelukkig zagen we
het aankomen en hadden we onze pakken aangetrokken. Redelijk droog leggen
we dus aan in de jachthaven.
woensdag, 11 juli
Van: Rendsburg
Naar: Kiel-Holtenau
De volgende dag betalen we eerst het liggeld aan de havenmeester en
vragen waar we een vervanging voor de kennelijk kapotte piezo kunnen krijgen.
Hij wijst ons zonder mankeren een electronicazaak en inderdaad kunnen we
daar voor nog geen 10 DM terecht. Het ding werkt weliswaar op 12 volt in
plaats van 24, zodat hij behoorlijk hard piept, maar beter te hard dan
helemaal niets gehoord!
Inmiddels is het gelukt om met een soldeerbout de verbroken verbinding
met een van de draadjes op het membraan te herstellen, zodat de oude piezo
(zij het zachter dan het nieuwe exemplaar!) zijn taak nog even kan blijven
vervullen. Het nieuw gekochte exemplaar gaat bij de waarloze spullen. Reserve
is nooit weg.
Hierna vertrekken we uit Rendsburg en varen naar Holtenau. Daar komen
we tegen 14.00 aan. Na enig oponthoud in de sluis (de sluismeester meldt
dat sommige boten niet betaald zouden hebben en dat de deur niet opengaat
voordat ieder zijn verplichtingen is nagekomen!) kunnen we de boot in de
haven bij Holtenau leggen.
Het water staat (vanwege de voortdurende harde westenwind van de laatste
dagen) lager dan we ooit hebben meegemaakt. We brengen een bezoek aan Tiessen
en geven onze bestellijst af. We kunnen het morgen komen ophalen. Zes rode
lichtkogels nemen we onmiddellijk mee. Ze worden op de lijst bijgeschreven.
donderdag, 12 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Kiel-Holtenau
We slapen uit tot omstreeks half negen en worden dan gewekt door de
havenmeester. Nadat het liggeld betaald is, rijden we met de bus naar centrum
Kiel. Daar koopt Jacco alvast een treinkaartje voor de terugreis van morgen.
Vervolgens doen we nog wat inkopen en keren dan weer terug naar de boot.
Na een korte siesta wandelen we wat in de omgeving en kijken 's avonds
uitgebreid naar de t.v. De ontvangst is hier voortreffelijk, hoewel de
programma's behoorlijk bejaard zijn: films en shows uit de 70er en 80er
jaren, met Louis de Funes en Rudi Carell! Toch wel grappig om nog eens
te zien.
vrijdag, 13 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Kiel-Holtenau
Het weer laat nog steeds te wensen over. De windkracht is eigenlijk
teveel voor ons en we besluiten dan ook pas morgen te vertrekken. Eerst
brengen we Jacco naar de trein en gaan daarna terug naar de boot. We siesteren
wederom en proberen daarna een fietstochtje in de omgeving te plegen. Dat
mislukt vanwege de voortdurende regenbuien.
We horen het uitgebreide weerbericht en besluiten dat we morgen met
ZW-5 naar Langeland zouden moeten kunnen zeilen. We gaan dat in elk geval
proberen. Voor het weekend wordt nog minder wind voorspeld: O-3 en later
N-3 of minder. Dat zou dobberen worden. Dan is windkracht 5 (mits in de
rug) verre te prefereren.
We zullen zien.
zaterdag, 14 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Marstal
We worden 's morgens om half negen gewekt door de havenmeester. We
kleden ons aan, ontbijten uitvoerig en vertrekken om 10.00 uur. Het weer
is prachtig. De zon schijnt, de zee is vlak, en er is vrijwel geen wind.
Dat is wel verwonderlijk, want het weerbericht had het gisteren over 5
uit het ZW. We ervaren feitelijk een windkracht 2 uit het O/NO. Tot omstreeks
13.00 varen we derhalve op de motor met het grootzeil als steunzeil. Daarna
trekt de wind aan tot kracht 4 en zetten we de fok bij en de motor af.
Dat scheelt 1 knoop snelheid, maar het levert een hoop rust op! Inmiddels
worden we ingehaald door een stel Duitse jachten. Dat vinden we niet erg,
want wij zijn nog nooit eerder langs deze kant naar Fuenen gevaren, en
het blijkt nogal lastig om de verkenningston van het vaarwater naar Marstal
te ontdekken. We volgen derhalve de Duitsers en ze blijken te weten hoe
het hier in elkaar zit. Weldra ontdekken we de verkenningston. Daarna wordt
het in de vaargeul een beetje erg druk. We moeten filevaren achter een
vierkant getuigd Nederlands charterschip (de Aphrodite uit Stavoren(?)),
maar kunnen weldra passeren. Daarna is het zoeken naar een plaatsje in
de haven. Dat blijkt niet eenvoudig, maar wel oplosbaar te zijn. We leggen
aan in een eindeloos lange box, waarin we alleen goed kunnen afmeren met
de achter-landvasten op maximale lengte en gekruist vastgemaakt. De havenmeester
komt tegen 18.00 langs en vraagt 85 kronen, wat ons meevalt. 's Avonds
na het eten halen we de fietsen tevoorschijn en doen een klein verkenningsrondje
door Marstal. Dat heb je in tien minuten wel ongeveer gezien. Maar het
uitzicht aan de landkant van het plaatsje is prachtig! Glooiende hellingen
en de binnenwateren richting Fuenen in het zicht. Schitterend! 's Avonds
gaan we douchen, wat Annet niet goed bekomt, omdat de warmwaterkraan niet
goed blijkt te werken.
zondag, 15 juli
Van: Marstal
Naar: Marstal
's Nachts word ik om drie uur wakker van het geklapper van de vallen
tegen de mast. De wind is behoorlijk aangewakkerd en het lijkt erop, dat
we nu pas de voorspelde ZW-5 krijgen. Het kost nogal wat moeite om de vallen
tot stilte te bewegen, maar uiteindelijk lukt dat. Ik val weer in slaap
en word tegen 08.30 wakker. We kleden ons aan en nemen ons ontbijt. Tegen
10.00 gaan we per fiets naar de kerk. Er zijn ongeveer 40 kerkgangers,
die luisteren naar een preek van een vrouwelijke dominee. De schriftlezing
kunnen we nog wel enigszins volgen, evenals de gezongen liederen, die we
immers in het liedboek kunnen meelezen. Maar de preek is volstrekt onbegrijpelijk.
Na de dienst gaan we fietsen. We besluiten naar Aeroskoebing te gaan.
We blijken een fietskaart van de route te hebben, die bovendien uitstekend
is bewijzerd. De route is zonder meer schitterend. We zijn omstreeks 13.00
in Aeroskoebing, waar we gerookte zalm met aardappelsalade eten in een
Roegeri bij de haven. Daarna ondernemen we de terugreis langs een andere
route. Om 15.00 zijn we weer in Marstal terug.
Als we om 18.00 op het punt staan de avondmaaltijd te gebruiken, verschijnt
er een Deen met een motorboot achter onze ligplaats, die zijn box komt
opeisen. Pas nu bekijken we het kaartje op de steiger, dat inderdaad vermeld
dat de box alleen tot 17.00 vrij was. We maken los en varen achteruit de
box uit. We krijgen de tip dat er aan de volgende steiger een plek vrij
zou zijn. Na enig manoevreren blijkt dat inderdaad het geval en een kwartier
later liggen we weer vast.
's Avonds kost het nogal wat moeite om het weerbericht te horen te
krijgen. De Deutschlandfunk (met een uitgebreid weerbericht voor de Oostzee)
is vanaf hier alleen met vreselijk veel ruis te horen. Toch weten we de
meest relevante gegevens op te vangen: het zal morgen iets harder gaan
waaien, maar de trend voor de Oostzee is toch W-4/5, voor onze doeleinden
voortreffelijk!
maandag, 16 juli
Van: Marstal
Naar: Rudkoebing
We zijn omstreeks 08.30 wakker, maken ons toilet en gaan ontbijten.
Daarna fietsen we nog even naar de 'Pengeautomat', zoals de flappentapper
in Denemarken heet. Als we terug zijn zie ik net onze achterbuurman op
de wal lopen. We melden hem, dat we over een kwartier wegwillen. Daar zal
zijn medewerking voor nodig zijn, want gisteravond is hij (wegens vermeend
plaatsgebrek in de haven) dwars achter onze box gaan liggen. Hij belooft
op tijd weg te zullen zijn, maar houdt die belofte niet echt. Gelukkig
duurt het niet al te lang en om 10.30 zijn we onderweg naar Rudkoebing.
Van zeilen komt niets. Er is nauwelijks wind en wel stroom. Vandaar varen
we op de motor. De afstand is niet groot en omstreeks 12.30 leggen we aan
in een box in de haven van Rudkoebing. De jachthaven is vrij groot en wordt
omzoomd door vakantiehuisjes, die voor 50% bezet zijn. Op de fiets gaan
we het stadje verkennen en het valt ons niet tegen. Bij een winkel in mobiele
telefoons kopen we het VicTid pakket van TDC Mobil, waarbij we een prepaid
kaart kunnen krijgen ter waarde van 200 kronen voor slechts 100 kronen.
Dat kunnen we niet laten lopen! De bedoeling is om via de telefoon de verbinding
met Internet te regelen vanaf de boot. Bij het VVV kopen we een fietskaart
voor Langeland en diezelfde avond ondernemen we een tochtje naar Kragholm.
Dat blijkt anderhalf huis en een paardenkop te zijn, maar de omgeving is
prachtig. 's Avonds neem ik nog wat sfeerfoto's van de haven en het havenverkeer.
Allemaal erg aardig.
De weersberichten zijn echter zodanig gunstig, dat we besluiten direct
morgen door te varen naar noordelijker havens. Onze Deense buurman brengt
ons van het idee af om naar Odense te willen varen. 'Waarom zou je dat
doen?', vraagt hij, 'Het is een lang en vervelend stuk varen, die hele
fjord in, en in de stad kun je niet eens goed liggen! Ga met de trein of
de bus vanuit een van de andere havenstadjes.' We besluiten zijn goede
raad op te volgen en varen morgen dus naar Kerteminde. Verder lukt het
niet om de Internet verbinding op touw te zetten. Overleg met een Deense
helpdesk levert de kennis op, dat we per mobiel op een ander nummer moeten
inbellen en dat het account voor mobiel inbellen geschikt moet worden gemaakt.
Wat een gedoe allemaal!
dinsdag, 17 juli
Van: Rudkoebing
Naar: Kerteminde
We vertrekken bijtijds: 09.30 en moeten de eerste uren naar het noorden
motorren, omdat de wind geheel ontbreekt. Ter hoogte van Lohals wordt dat
anders. Maar de wind is dan nog zodanig NO, dat we niet echt de koers kunnen
blijven volhouden. Vandaar dat we op de motor maar doorstompen. Er begint
intussen wel wat deining te ontstaan en ter hoogte van de Grote Belt Brug
begint die zelfs wat ruwe vormen aan te nemen. Toch is er geen sprake van
echter hinder. We gaan gewoon door. Het duurt even voor we de juiste brugdoorgang
hebben gevonden, maar daarna kunnen we de fok bijzetten en snellen we met
dik 6 knopen richting Kerteminde. Aldaar is het (als gebruikelijk) weer
moeilijk om de precieze haveningang te vinden. Maar de GPS laat zich niets
wijsmaken. Hij stuurt ons precies naar het goede punt, hoewel we bijna
tot het laatst zijn oordeel blijven betwijfelen. Dom natuurlijk: de computer
heeft immers altijd gelijk!
Het vinden van een box levert geen problemen op. Ruimte zat. En na
de avondmaaltijd gaan we Kerteminde verkennen op de fiets. Na een paar
straten ontdekt Annet een Internetcafe, waarvan we haastig gebruik maken
om de mail op te halen en (zonodig) te beantwoorden. Verder fietsend langs
te haven komen we nog een Nederlands charterschip tegen, dat zijn passagiers
aan land zet. Dat soort schepen vaart kennelijk overal. We zijn er op de
Deense wateren al tallozen tegen gekomen.
Aan boord gekomen blijkt het account per mobiel inmiddels ook te werken.
Kunnen we dus ook nog mailen als er toevallig geen Internetcafe in de buurt
is!
De weerberichten zijn blijven onverminderd gunstig en geven voor morgen
zelfs O-4 af. We besluiten dan ook door te varen naar Bogense, aan de noordkant
van Fuenen. Vandaar willen we dan proberen naar Odense te komen.
woensdag, 18 juli
Van: Kerteminde
Naar: Bogense
We zijn er bijtijds uit: 08.00 uur ongeveer en een half uur later stomen
we de haven uit in een rijtje van misschien wel 5 boten. Kennelijk zijn
de Denen geen langslapers. Ik heb de koers uitgezet op de computer en geupload
naar de GPS, zodat de stuurautomaat weet waar hij heen moet sturen. Het
eerste waypoint ligt op de hoek van de bocht van Kerteminde, een dikke
mijl bij de haveningang vandaan. De wind is nog gering, maar wordt allengs
iets sterker. Bij de hoek aangekomen vallen we af en zetten de zeilen.
Een half uurtje gaat dat prima. Dan komen we in de windschaduw van een
klein eilandje dat daar voor de kust ligt en zetten we de motor bij. Als
we het eilandje voorbij zijn, neemt de wind steeds verder af. De snelheid
loopt terug van 4 naar 3 en naar 2 knopen ... Daar zit geen toekomst in:
de motor maar weer!
Omstreeks 12.00 uur ronden we Fyns hoved, de noordoostelijke punt van
Fuenen. Dan is het nog een heel eind varen naar Aebeloe, het kleine schiereilandje
pal boven Bogense. Tot dat waypoint draaien we op de motor. De wind is
vrijwel helemaal afwezig. Voorbij Aebeloe echter kunnen we de zeilen weer
zetten en kunnen we de laatste vijf mijl naar Bogense zeilen!
Ook nu weer is de haveningang lastig te vinden, maar komt de GPS er
wel weer uit. Als we de haven binnenvaren staat er inmiddels een stevige
windkracht 4, die ons nog wel parten speelt bij het aanleggen. Het duurt
bovendien even voor we een lege box vinden. Maar uiteindelijk liggen we
voor de kant.
's Avonds maken we een wandeling door Bogense. Dat valt ons behoorlijk
tegen. Weliswaar is het het oudste stadje van Fuenen, maar Kerteminde was
aanzienlijk leuker! Beetje een miskleun dus. Vandaar besluiten we (nu de
weerberichten ons nog steeds zeer gunstig gezind zijn!) morgen weer verder
te varen, nu naar Middelfart, vanwaar we per trein naar Odense zouden moeten
kunnen komen. We zouden dan de fietsen mee kunnen nemen, zodat we in Odense
niet hoeven te lopen! Natuurlijk is er in Bogense geen Internetcafe. Ze
hebben zelfs geen idee, wat we ermee bedoelen als we een paar inboorlingen
de vraag stellen. Gelukkig werkt onze prive-verbinding uitstekend!
donderdag, 19 juli
Van: Bogense
Naar: Middelfart
Om 10.00 varen we de haven uit (na een langdradige vergeefse poging
om diesel getankt te krijgen bij de pompsteiger, wat mislukt omdat de tankautomaat
niet doet wat ik wil dat hij doet) en op de motor (wederom geen tot zeer
weinig wind!) stomen we richting Middelfart. Het is nogal mistig en het
zicht is beperkt. De GPS en stuurautomaat hebben daar echter geen moeite
mee en op de computer kan ik constateren dat ze het schip in de juiste
richting sturen.
Aangekomen in de Snaevringen zien we N.B. een stel bruinvissen telkens
even met hun kleine driehoekige rugvinnen boven water komen! N.B. terwijl
de schepen en scheepjes hen links en rechts om de oren varen! Moet wel
heel schoon water zijn hier!
We varen onder de Nye Lillebaelt Bro door en zoeken naar de Middelfart
Lystboadehavn. Dat valt niet mee, want het handboek blijkt een foutje in
de beschrijving te hebben gegeven. Uiteindelijk leggen we aan bij de Kongbro
haven, een klein jachthaventje, dat helaas echter geen brandstof kan leveren.
Nou ja .. moet dat later maar een keer.
We houden een uitgebreide siesta en gaan daarna per fiets het stadje
verkennen. Allereerst kopen we bij het VVV een fietskaart voor heel Fuenen.
Dat hadden we natuurlijk al veel eerder moeten doen in plaats al die lokale
kaarten los te kopen. Nu ja ... beter laat dan nooit. Vervolgens (wie schetst
onze verbazing!) zien we dat er in het halletje een computer staat met
een open Internetverbinding. We mogen inderdaad gratis van het ding gebruik
maken om de mail te lezen en/of dingen op te vragen! Dat is nog eens een
service. Ik log onmiddellijk in bij de DDS en lees (en beantwoord) mijn
mail. Tevens vraag ik bij www.wetteronline.de de mailing van de weerberichten
voor de Belten en Sont en voor de Westelijke Oostzee aan. Zodoende zullen
we de berichten (als het goed is) gewoon per mail toegestuurd krijgen!
Vervolgens sporen we een winkel voor mobiele telefoons op en kopen daar
een extra tegoed voor 50 kronen, door de mevrouw van de winkel zelf geactiveerd,
zodat we geen pogingen hoeven doen om het ingewikkelde Deens van de gebruiksaanwijzing
te vertalen. Daarna informeren we bij het station naar de prijzen en tijden
van de Deense spoorwegen richting Odense. Het blijkt voor ons beiden op
60 gulden te komen en de treinen rijden twee keer per uur. De vouwfietsen
mogen in opgevouwen toestand zonder verdere kosten worden meegenomen!
Terug aan boord eten we tortellini met champignonsaus.
vrijdag, 20 juli
Van: Middelfart
Naar: Odense
Tegen half tien gaan we per fiets naar het station, alwaar om kwart
voor 10 de trein vertrekt naar Odense. We stappen zonder problemen in en
kunnen de fietsen op het balkon stallen. De trein is comfortabel te noemen.
En hij rijdt (o wonder, sinds de rampzaligheden van NS!) op tijd! Na een
dik half uur komen we in Odense aan. We zetten op het perron de fietsen
in elkaar en lopen daarna naar de uitgang. Eenmaal op straat aangekomen
is het even zoeken voor we het centrum en aldaar het VVV gevonden hebben.
Maar weldra lukt dat. We krijgen een vriendelijke uitleg van een VVV juffrouw,
die ons uitlegt, dat het Hans Christian Andersen Hus eigenlijk een 'must'
is voor elke toerist, en dat ook het Fynsk Landby (een openluchtmuseum,
dat laat zien hoe de boeren op Funen gehuistvest waren in voorgaande eeuwen)
de moeite waard is.
We bekijken eerst het H.C.A. huis, annex museum. We wachten daarbij
zelfs de rondleiding af en zien tegelijk een soort show van de sprookjes
van Andersen, opgevoerd door kinderen met een enkele volwassen ondersteuning.
Heel aardig allemaal.
Daarna stappen we op de fiets en rijden naar de andere kant van Odense
om het openluchtmuseum in ogenschouw te nemen. Dat blijkt een hele afstand
te zijn. In tegenstelling tot vrijwel alle andere Funense plaatsen is Odense
echt groot te noemen. Het kost een kleine 20 minuten fietsen voor we er
zijn. Onderweg stappen we af bij een slager en kopen daar twee belegde
broodjes. Niet goedkoop, maar wel erg lekker. Bij het museum aangekomen
kopen we kaartjes en wandelen vervolgens het hele terrein over. Boerderijen
van arme en rijke boeren, allerlei werkplaatsen van allerlei ambachtslieden,
soms is een bepaald onderdeel zelfs in gebruik voor demonstraties. Erg
leuk. Maar ook wel behoorlijk vermoeiend. We brengen in totaal twee uren
zoet.
Daarna fietsen we weer terug naar het station. Onderweg stoppen we
nog even bij een bakker om broodjes en koeken op te halen. De koeken blijken
later een groot succes.
De trein van 16.31 blijken we nog net te kunnen halen en binnen een
half uur zijn we weer terug in Middelfart. We fietsen weer naar de boot
en bergen daar de fietsen onmiddellijk op. De rest van de avond wordt in
gepaste rust doorgebracht. Het was namelijk allemaal behoorlijk vermoeiend!
Als we om half elf in bed liggen (en ik al bijna slaap) wordt er op
de boot getikt. De Duitse buurjongen vraagt of hij ons met de door hem
gevangen kabeljauw blij kan maken. Ik doe maar net of dat het geval is
en neem het plastic zakje met twee kleine vissen dankbaar in ontvangst.
zaterdag, 21 juli
Van: Middelfart
Naar: Aaroesund
Om 08.00 uur zitten we aan het ontbijt. Daarna wordt de boot gereed
gemaakt voor vertrek. We varen eerst naar een jachthaven aan de andere
kant van de landtong waarop Middelfart ligt. Daar tanken we 30 liter diesel.
Vervolgens zetten we zeil en sturen we de boot richting Aaroesund, een
haventje halverwege de Kleine Belt. Omdat de wind W-NW is, kunnen we dat
redelijk goed bezeilen. De snelheid loopt uiteen tussen de 3 en de (bijna)
6 knopen. Omstreeks half twee zijn we ter plekke aanwezig en kunnen we
na enige moeite in een box aanleggen. Het belooft behoorlijk vol te worden
in de haven.
Om 15.00 besluiten we per fiets een tochtje naar Haderslev te ondernemen.
Dat is zo'n 15 kilometer hier vandaan en dat zouden we dus moeiteloos moeten
kunnen halen. Dat lukt ook. Om 16.30 zitten we in Haderslev aan het Deense
ijs (een hoorn volgestort met alle mogelijke soorten ijs en bavarois, overgoten
met vruchtensaus of wat de gebruiker nog maar meer aan zoete dingen wil
hebben) Het is een ervaring om zo'n ding eens te consumeren, maar ik begrijp
nu wel waarom sommige Denen zo vet als modder zijn!
Daarna fietsen we weer terug naar de boot, alwaar we tegen 17.30 aankomen.
We doen nog wat inkopen in de buurtwinkel en gaan daarna aan boord. Annet
besluit onder de (gratis) douche te gaan en om 19.00 voldoen we onze betalingsverplichtingen
in het kantoortje van de havenmeester.
We besluiten om morgen hetzij naar Dyvig, hetzij naar Sottrupskov Bro
te gaan, beide zeer rustige aanlegplaatsen, vanwaar we wellicht nog een
stukje kunnen fietsen.
De wind zal morgen (volgens de voorspellingen) ZW 3 worden, nauwelijks
de moeite waard dus. We moeten maar zien hoever we op de zeilen kunnen
(of willen) komen ...
zondag, 22 juli
Van: Aaroesund
Naar: Aabenraa
We staan om 08.30 op en beginnen met ontbijt. Daarna varen we de haven
uit en zetten op het zeil koers naar de wind. We blijken 160 graden te
kunnen halen. Dat is niet scherp genoeg om in de Als Fjord uit te komen,
maar we kijken wel. Na een uur blijken we ongeveer voor Als langs te kunnen
zeilen. Dat is ons niet goed genoeg. Vandaar dat we de fok weghalen en
met het grootzeil als steun op de motor verder gaan. Nu richting Als Fjord.
Daar aangekomen (het is dan omstreeks 12.00 uur) gaan we wederom op
de zeilen verder. De 160 graden van eerder op de morgen blijken nog steeds
te gelden en zo komen we op het kruispunt tussen de Als en de Aabenraa
Fjord. We besluiten over stuurboord de Aabenraa Fjord in te varen en leggen
omstreeks 14.30 aan in de jachthaven van Aabenraa. We betalen bij de havenmeester
het liggeld voor een nacht en besluiten, dat we het restaurant ter plaatse
te duur vinden. We eten dus aan boord en maken daarna nog een korte fietstocht
door het (inmiddels verlaten) winkelcentrum van Aabenraa. Daarna gaan we
naar bed.
maandag, 23 juli
Van: Aabenraa
Naar: Sottrupskov Bro
De volgende dag varen we omstreeks 10.00 uur de haven uit en richten
de koers naar de Als Fjord. Als we daar zijn varen we op de motor verder
naar binnen. Er is te weinig wind om te zeilen. Bij de cardinale ton van
de Als Sund aangekomen varen we richting Soenderborg. Als we echter voorbij
de steiger van Sottrupskov Bro komen, besluiten we op het laatste moment
daar te gaan liggen. Het is er vrijwel verlaten. Er ligt een enkel zeiljacht
aan de steiger. Als we een uurtje liggen, komen er echter meer schepen
ons voorbeeld volgen. In totaal liggen we met 5 schepen aan de steiger.
Het is zo warm, dat Annet en ik besluiten een (heel) kort zwemtochtje te
maken: van de boot naar de steigertrap. Met een Duitse buurman heb ik daarna
in zwembroek een heel gesprek over de omgeving, die in voorbije eeuwen
door oorlog geteisterd is. Het vorig jaar hebben we daar in het museum
van Dybbol Moelle al het een en ander van gezien. De buurman blijkt nogal
geinteresseerd te zijn in het verleden van de streek. In verband daarmee
heeft hij zelfs wat Deens geleerd!!
Het blijkt een erg aardig plekje om te liggen. Je ziet de schepen onderweg
naar Soenderborg en de Als Fjord voorbijvaren, en je hebt een uitzicht
dat onovertroffen is! Geen havenmeester echter die liggeld komt innen.
We zien de reden als we op de fiets langs de Sottrupskov Kro rijden. Ze
blijken op maandag 'lukket' te zijn omdat ze dan hun rustdag hebben. Ook
de havenmeester (die kennelijk aan de 'kroeg' verbonden is) heeft dan rust,
wat kennelijk inhoudt, dat hij geen havengeld komt opvragen. Dat is voor
het eerst in Denemarken!!!
We maken er dankbaar gebruik van en fietsen in de omgeving eerst een
rondje naar het kasteel van Egeskov en 's avonds nog een stukje heen en
weer naar de veerboot van Ballebro.
dinsdag, 24 juli
Van: Sottrupskov Bro
Naar: Gelting
Op de (inmiddels gebruikelijke) tijd van 08.30 staan we op en nemen
ons ontbijt. Daarna maken we vaarklaar en steken van wal richting Soenderborg.
Om 10.10 kunnen we aldaar door de brug. Buiten de haven zetten we zeil
en het blijkt, dat we bijna Gelting (onze volgende haven, dit keer op Duits
grondgebied) kunnen bezeilen. Halverwege de slag blijkt dat we het toch
niet halen en stoom ik een half uurtje op de motor dwars tegen de wind
in, tot we een punt bereikt hebben, dat Gelting wel gehaald kan worden.
Daarna gaan we op de zeilen verder en komen omstreeks 13.00 uur in Gelting
aan. Het is (als vanouds) een heel gezoek om de haveningang te vinden,
maar (eveneens als vanouds) uiteindelijk lukt dat toch zonder problemen.
We leggen aan in een (volgens ons) vrije box en gaan daarna op zoek naar
de havenmeester. Die blijkt tot minstens 15.00 uur met zijn 'Mittagruhe'
bezig, zodat we zijn voorbeeld maar snel volgen. Omstreeks 16.00 uur stappen
we op de fiets en rijden naar Gelting. Daar bezoeken we een lokale supermart
alwaar we enkele levensmiddelen ophalen, waarna we weer terug rijden naar
Gelting. Daar betalen we ons havengeld en om 20.00 uur vervoegen we ons
bij het havenrestaurant, waar we vis en vlees bestellen. Het eerste voor
mij en het tweede voor Annette. Beide schotels bevallen uitstekend en worden
besproeid met grote glazen bier. Ik neem als afsluiting nog een 'Nussknacker',
wat een ijsschotel met noten blijkt te zijn, en Annette zegt zonder meer
wel genoeg te hebben gehad. Voor 85 DM mogen we het etablissement weer
verlaten, wat ons niet duur lijkt.
woensdag, 25 juli
Van: Gelting
Naar: Kappeln
Als we om 08.30 zijn opgestaan en hebben ontbeten, gooien we omstreeks
10.00 los en varen we richting vuurtoren Kalkgrund. In tegenstelling tot
de met ons op zeilende Duitse watersporters houden wij onder de vuurtoren
aan en wagen ons in het gebied van de ondieptes die daar ruim voorhanden
zijn. We hebben echter zoveel vertrouwen in GPS en computer, dat we het
wel aandurven. Dat blijkt terecht te zijn. Hoewel ik een aantal keren de
dieptemeter aanzet om de zaak even te verifieren, blijken GPS en computer
het volstrekt bij het rechte eind te hebben. Onze positie is tot op een
tiental meters nauwkeurig op het laptopscherm te zien. Geen probleem dus.
De wind is echter wel een probleem. Tegen de tijd dat we Falshoeved
voorbij zijn, loopt de snelheid terug tot minder dan 2 knopen. Dat is wel
een beetje erg weinig. Vandaar dat we overstappen op het 'ijzeren zeil'
en omstreeks 13.30 in Maasholm voor de kant liggen bij de dieselsteiger.
Het duur ruim een half uur voor een bedienaar komt opdagen. Niettemin kunnen
we 35 liters diesel tanken en zit onze tank daarmee weer vol. Als we alles
een beetje proberen te middelen, gebruiken we iets meer dan 2 liter per
uur. Wij vinden dat niet slecht.
Daarna varen we verder naar een jachthaven in Kappeln, net voor de
brug, bij Johannes Ancker. Dat blijtk een werf/scheepswerkplaats te zijn,
alwaar men tot 22.30 nog keihard doorwerkt aan schepen op de werf. Dit
alles onder het genot van een hard aan staande radio, die zijn geluidsgolven
dwars over het water van de Schlei gooit, alwaar ze weerkaatst worden door
een aan de overkant liggende werkloze rondvaartboot . Zodoende horen we
tot ver na zonsondergang de huidige Duitse schlagers van Heintje en consorten
in stereo ... Niet echt een onverdeeld genoegen!
donderdag, 26 juli
Van: Kappeln
Naar: Eckernfoerde
Op de gebruikelijke tijd staan we op en begeven ons (na het wassen)
eerst naar de locale Supermarkt, die slechts enkele tientallen meters bij
de haven verwijderd is. Gisteren hebben we per fiets een hele zoekslag
door Kappeln gemaakt om een Aldi te vinden en vonden die uiteindelijk op
kilometers van onze ligplaats. We hadden dus beter in de directe omgeving
om ons heen moeten kijken. We kopen broodjes en ham, en nemen daarna aan
boord ons ontbijt.
Vlak voor ons vertrek worden we opgeschrikt door een telefoontje van
Joyce, die huilend meldt dat ze voor het rijexamen gezakt is! En dat terwijl
ze de bijzondere verrichtingen zonder problemen had afgelegd! Balen! We
proberen haar moed in te spreken en stellen voor dat ze zo snel mogelijk
een nieuw examen aanvraagt.
Daarna start ik de motor en verlaten we Kappeln. De wind is pal Oost,
kracht 3, zodat we op de Schlei alvast het grootzeil kunnen bijzetten.
Als we de havenhoofden van de Schleimonding hebben verlaten, zetten we
ook de fok. Onmiddellijk valt de snelheid terug tot 3 knopen maximaal.
Bovendien (en dat is erger!) vertoont de stuurautomaat kuren. Hij weigert
langer dan een paar seconden zijn werk te doen en schakelt zichzelf dan
in 'Standby' modus, wat wil zeggen, dat hij dus helemaal niets meer doet.
Volgens het handboek wordt dat veroorzaakt door gebrek aan stroom. Of er
is sprake van een korte onderbreking van de voedingsstroom, of er is gewoon
te weinig vermogen in de accu. Ik vrees, dat het laatste het geval is.
Die vrees wordt bevestigd, als ik (wanhopig over de geringe hoeveelheid
wind) de motor bijzet. Onmiddellijk draait de stuurautomaat zonder kuren
en neemt de gegevens van de GPS zonder problemen over. Nu draait immers
de generator stroom en dat is wel voldoende voor de automaat. Ik zal de
omvang en de kwaliteit van de lichtaccu nog eens moeten nagaan.
Langzaam voor de wind op de fok de Eckernfoerder Bucht in drijvend
probeer ik wat te vissen. Tevergeefs helaas.
Om 14.30 leggen we aan in de haven en krijgen een box van de havenmeester
toegewezen. Vervolgens houden we een uitgestelde siesta en gaan we per
fiets naar Eckernfoerde om telefoonkaarten te pakken te krijgen. Dat lukt
op het postkantoor. Een kaart voor de telefooncel kost 12,50 DM en een
opwaardeerkaart voor de mobiele telefoon komt op 50 DM. Bovendien hebben
we gezien, dat de kosten voor een telefoontje naar Nederland per mobiel
komt op bijna 4 DM per minuut! De rovers!!!
Nadat we terug zijn op de boot besluiten we in het havenrestaurant
op het balkonterras te eten. Dat bevalt uitstekend. Uitzicht over de hele
haven in de stralende zon, en ondertussen lekker eten van een goed en goedkoop
menu! Wederom bier om de vochthuishouding op peil te houden.
We gaan terug naar de boot, waar ik de route voor morgen in de computer
en de GPS wurm. We zullen (naar het plan is) morgen naar Wendtorf gaan,
aan de monding van de Kieler Fjord. Overmorgen starten we dan met het eerste
deel van het NordOstseekanaal.
vrijdag, 27 juli
Van: Eckernfoerde
Naar: Wendtorf
Om 08.30 zijn we wakker en beginnen met toilet maken en ontbijten.
Het is windstil, de zon schijnt en de hemel is strakblauw. De Optimisten,
die hier bij tientallen aan een Regatta zullen deelnemen liggen nog werkloos
op de kant. Er is zelfs voor hen niet het kleinste zuchtje wind. Om 09.30
maken we los en varen we de haven uit. Weldra kan de stuurautomaat de zaak
overnemen en varen we over een spiegelgladde Eckernfoerder Bucht in de
richting van Kiel. Onderweg zien we een groot marine-kraanschip passeren,
alsmede een onderzeeboot, die aan de oppervlakte hard stomend op weg is
naar huis. Kennelijk veel zin om aan het weekend te beginnen die mannen!
In de nabijheid van de Kieler Foerde wordt het verkeer drukker. Een aantal
keren moet ik uitwijken voor tegenliggers. Maar de GPS houdt de hoofdkoers
in de gaten en feilloos stuurt hij aan op de verkenningston van Wendtorf,
die wel erg dicht tegen de wal ligt. Vervolgens stuur ik op de hand de
vaargeul in en leggen we aan in een enorme box, waar we de boot wel drie
keer in kunnen laten rondvaren! Het levert nog wat problemen op met de
achterlandvasten, die haastig moeten worden verlengd, hoewel ze gerust
niet kinderachtig zijn uitgevallen!
Na een middagslaapje zoeken we de havenmeester op, die ons wegwijs
maakt in de omgeving. Vlak bij blijkt een broodjeswinkel te zijn, waar
we morgen verse bolletjes kunnen kopen. 's Avonds gaan we naar een restaurant
eveneens in de buurt, alwaar Annet een steak en ik Noordzee schol geserveerd
krijg. Het ziet er perfect uit en het smaakt uitstekend! Al met al komt
het (inclusief bier, dessert en fooi) op 85 DM. Geen geld dus eigenlijk.
Terug op de boot kijken we het getijboekje na, om na te gaan wanneer
we in Brunsbuettel zouden moeten vertrekken. Het blijkt, dat we waarschijnlijk
het beste zouden kunnen doorvaren naar Cuxhaven, omdat we dan gemakkelijker
met opkomend water richting Otterndorf kunnen komen. Bovendien hebben we
dan tot het laatst de keuzemogelijkheid open van binnendoor of buitenom
te gaan. Dat laatste is natuurlijk strikt afhankelijk van het meerdaagse
weerbericht op dat moment. We zullen zien. Morgen willen we zo ver mogelijk
in het Nordostseekanaal zien te komen, zodat we zondag speling hebben om
rustig naar Cuxhaven of Otterndorf te varen.
zaterdag, 28 juli
Van: Wendtorf
Naar: Brunsbuettel
Omstreeks 09.30 verlaten we de haven van Wendtorf. Tegen half elf zijn
we voor de ingang van het NOK. Eigenlijk hadden we bij Tiessen langs willen
gaan, maar bij nader inzien zien we daarvan af. Het zou ons te lang ophouden.
Achteraf gezien hadden we het misschien best kunnen doen, want pas om half
twaalf zijn we eindelijk door de sluis en kunnen we aan de vaart op het
NOK beginnen. Onderweg lopen we tegen een paar forse regenbuien op. Zo
erg is het, dat ik (voor het eerst sinds minstens twee weken geleden) het
complete zeilpak moet aantrekken. Bovendien monteren we bij de plek van
de roerganger een paraplu, vastgebonden aan de pikhaak, zodat het sturen
tenminste enigszins droog kan gebeuren. Na een half uur houdt de regen
op en komt de hele dag niet meer terug. Na twee uur varen blijkt, dat de
machine toch nog net een tandje harder moet. We varen niet snel genoeg
om nog enigszins op tijd in Brunsbuttel te kunnen zijn. Vandaar dat ik
de handel ietsje verder naar beneden druk. Dat helpt. We draaien nu 12
kilometer per uur en dat betekent dat we uiterlijk om 20.00 in Brunsbuttel
zullen aankomen. Dat blijkt te kloppen. De Weichestelle achter de palen
lijkt al vol te liggen, maar als we plompverloren naar voren varen, blijkt
er vooraan nog ruimte genoeg voor ons te zijn overgelaten. Volgens een
van de al voor de kant liggenden is er net iemand weggevaren. Zijn we dus
precies op tijd.
Tijdens het varen hebben we op het laatste stukje voor Brunsbuttel
al varend gegeten, zodat we onmiddellijk met koffie en sterkere zaken kunnen
beginnen. De weersberichten zijn gunstig, maar waarschijnlijk niet zo positief,
dat we de overtocht buitenom zullen wagen.
Na gemeen overleg besluiten we morgen in Brunsbuttel te blijven liggen,
de kerkdienst bij te wonen, 's avonds nog ergens te eten en pas maandag
op pad te gaan naar Otterndorf en verder.
zondag, 29 juli
Van: Brunsbuettel
Naar: Brunsbuettel
We worden om 08.15 gewekt door de havenmeester die zijn 12 DM wil hebben.
Een redelijk christelijk tijdstip voor een havenmeester op een zondagmorgen!
Daarna ontbijten we en maken ons gereed voor de kerkgang. Omstreeks 09.30
fietsen we al door de straten van Brunsbuttel, dat onverwacht druk blijkt
te zijn. Er is kennelijk een braderie georganiseerd. Overal staan stalletjes
met etens- en gebruikswaren. Een groenteman probeert een hele vrachtwagen
vol vruchten (ananas, meloen, druiven, perziken, bananen, enz., enz.) aan
het publiek te slijten. Hij vult telkens een draagmand met allerlei vruchten
en vraagt daar dan 20 DM voor. Om het publiek te trekken en de aandacht
vast te houden, gooit hij op gezette tijden handen vol mandarijnen, peren,
appels, en zelfs ananassen het publiek in, dit alles luidkeels schreeuwend.
Hij verkoopt heel wat!
Hierna rijden we naar de kerk en nemen plaats in een bank. Er blijken
bij aanvang van de dienst een dikke dertig mensen aanwezig te zijn. De
grijze pastor levert een degelijke preek, maar is wel heel erg formeel.
Tot onze verrassing zien we een heel aantal jongeren in de kerk zitten,
die echter na de dienst allemaal een groene kaart tevoorschijn halen, die
kennelijk moet worden afgetekend ten bewijze dat ze geweest zijn. Heeft
dat met hun catechese te maken of zo? Als slotlied wordt een tekst in het
plat-Duits gezongen (Gott is bi di, wees mar nich bang), die bijna op Gronings
lijkt!
Na de kerk lopen we weer even over de markt en gaan daarna naar de
boot. We gebruiken 'Kaffee mit (gisteren in Wendtorf gekochte) Kuchen'
en houden daarna een uitgebreide siesta.
Omstreeks 16.00 fietsen we een eind langs het NOK in de richting waaruit
we gisteren gekomen zijn. Heel aardig om het bekende landschap nu van de
andere (land) zijde te zien. De zon schijnt dat het een lieve lust is en
het is fantastisch mooi weer.
's Avonds eten we bij een Italiaan. Annet neemt pizza en ik gebakken
zwaardvis. Geen idee of het ook echt zwaardvis geweest is, maar het was
wel lekker. IJs na.
Terug op de boot nemen we de gegevens voor morgen door. De sluis van
Otterndorf draait van 12.15 - 16.15 (anderhalf tot vier uur na HW Brunsbuettel,
wat morgen om 10.45 zal plaatsvinden. Het HW te Otterndorf zal om 10.07
zijn. We besluiten dan ter plaatse aanwezig te zijn. Dat betekent dat we
om 08.00 door de sluis willen zijn, zodat we twee uur hebben om (tegen
de vloed in) de acht mijlen naar Otterndorf te varen.
Dat betekent weer, dat we om (uiterlijk) kwart over 7 voor de sluis
moeten ronddobberen (zodat de sluismeester drie kwartier heeft om ons naar
de Elbe door te sluizen) en dat heeft tot gevolg, dat we om kwart voor
zeven zullen moeten opstaan. Het luie leven lijkt afgelopen!
Wat de rest van het programma voor morgen betreft is alles in de schoot
van de toekomst verborgen. Als we inderdaad omstreeks 12.00 naar binnen
kunnen sluizen, zouden we misschien nog net Bremerhaven voor 18.00 kunnen
halen. In dat geval proberen we door te varen naar Oldenburg. LW Bremerhaven
is morgen namelijk om 16.06 en HW Oldenburg is om 00.30 of zoiets. We zouden
dus stroom mee moeten hebben. Alles hangt echter af van de snelheid waarmee
we de afstand Otterndorf - Bremerhaven kunnen overbruggen. Anders blijven
we in Bremerhaven liggen en gaan dinsdag weer verder.
maandag, 30 juli
Van: Brunsbuettel
Naar: Bremerhaven
We staan vrij vroeg op: 07.00 uur en om 07.15 varen we naar de sluis.
Ontbijten doen we rondjesdraaiend op het NOK. Helaas is de sluis net dichtgegaan
toen wij aan kwamen varen. Dat betekent, dat we een schutting naar buiten
en naar binnen moeten wachten. Maar daar hadden we op gerekend. De bedoeling
is, dat we omstreeks 08.00 op de Elbe zullen zijn, zodat we onderweg kunnen
gaan naar Otterndorf. Die verwachting komt uit. De wind staat pal uit het
ZW en waait met een kracht 4 a 5, en de stroom is tenminste twee knopen
tegen: HW Brunsbuettel is immers pas om 10.45! Met een snelheid van 3.6
tot (slechts nu en dan) 4 knopen varen we ver aan stuurboord van het vaarwater
richting Otterndorf. Ik had gehoopt dat aan die kant de stroom wat minder
sterk zou zijn. Dat valt een beetje tegen. Wel hebben we duidelijk minder
last van de boeg- en hekgolven van passerende schepen. Dat is iets om voor
later te onthouden. Om 10.00 kunnen we gaan opsteken naar het baken in
de Medem en na een (wederom!) zenuwachtig stukje stuurwerk langs de prikken
zijn we om 10.30 in de haven. We kunnen het schip pal met de kop in de
wind leggen en dat is dus makkelijk met het strijken van de mast. Om 11.30
is dat karwei geklaard: niet slecht dus!
Het licht op de sluis is echter nog onvervalst rood. Het zou om 12.15
groen moeten worden, want dan zou de sluismeester volgens de boekjes aanvang
moeten maken met sluizen. Dat blijkt dus een dik half uur later te worden.
De reden blijft in het duister: een extra hoge waterstand, die het nodig
maakte langer dan normaal te wachten? Of het feit, dat er filmopnames in
en rond de sluis werden genomen, waarbij de sluiswachter allerlei zinloze
handelingen aan rinketten (die hij nooit meer met de hand bedient!) moest
verrichten? Laten we het maar met de mantel der liefde bedekken. Maar er
waren die morgen heel wat watersporters, doelloos ronddobberend op het
smalle vaarwater voor de sluis, terwijl het water steeds verder wegliep,
die de sluismeester niet veel goeds hebben toegewenst!
Om 13.10 worden we naar binnen gesluisd en kan de reis naar Bederkesa/Bremerhaven
een aanvang nemen. Wederom worden we in onze (illegale!) voornemens om
te hard te varen gedwarsboomd door een stel zeer gezagsgetrouwe Duitse
watersporters, die geen stap harder varen dan 10 km per uur, hoewel dat
eigenlijk al 2 km te snel is. Zodoende komen we pas om half zeven bij de
keersluis van de Geeste aan. Omdat we geen zin hebben de hele avond aan
een paal in het water te liggen, zonder gelegenheid de kant op de gaan,
besluiten we de nacht door te brengen in een klein haventje langs de boorden
van de Geeste bij een lokale watersportvereniging. De diepte is eigenlijk
iets te gering voor onze 1.10m, maar dat mag de pret niet drukken. Per
fiets begeven we ons naar een Bremerhavens Internetcafe, alwaar ik mijn
mail even kan afhandelen.
Om 21.00 schrijf ik dit verslag en daarna luisteren we naar de weersberichten
voor morgen.
dinsdag, 31 juli
Van: Bremerhaven
Naar: Surwold
Om kwart voor zeven staan we lichtelijk onwillig op. Annet wil eerst
koffie zetten en brood klaarmaken, maar ik zie, dat het al bijna zeven
uur is. En ik wil beslist voor zeven voor de sluis liggen om te voorkomen,
dat de sluiswachter ons pas om 8 uur sluist. Bij het wegvaren blijken we
tegen de ondiepe kant inderdaad enigszins vast te liggen. Een beetje extra
gas achteruit is echter voldoende om los te komen. Bij de sluis komt de
sluismeester net aanlopen en kunnen we direct naar binnen. Binnen een kwartier
zijn we gesluisd en varen we op de Geeste. Hier weer het vertrouwde beeld
van beslikte rivieroevers, waar bootjes amechtig op het droge liggen. Echt
getijdewater! Als we de haven uit willen varen steekt juist een binnenvaartschipper
voor ons van wal, wil de veerpont ook net losgooien en vaart een schip
van het Schiffartsamt voor ons weg! Het is me de drukte wel. Gelukkig houdt
ieder zich aan de regels en verlopen de zaken zonder problemen. Op de Weser
hebben we meteen 1 knoop stroom mee, wat al snel oploopt tot 2 knopen!
Die snelheid (8 knopen in totaal) houden we tot de ingang van de Hunte.
Ik verwacht dat de snelheid daar wel wat terug zal lopen. De Hunte is immers
een kleinere rivier. Daar blijkt echter geen sprake van! We halen nu en
dan zelfs de 8,5 knoop! Om 12.00 uur zijn we dan ook in Oldenburg. Helaas
gaat vlak voor ons de spoorbrug open en varen een drietal binnenschepen
door de brugopening. Dat is een streep door de rekening. Het betekent immers
wachten voor de sluis en waarschijnlijk ook langzaam varen op het Kuestenkanal.
Om de eerste wachtperiode aan ons voorbij te laten gaan, besluiten we in
Oldenburg even wat inkopen te doen: op de fiets gaan we naar Aldi en halen
daar allerlei levensmiddelen, zoals bier, Mummelmann, maagbitter en andere
onmisbare artikelen.
Vervolgens is het kwart over 1 geworden en varen we naar de sluis.
Daar gaat een groot leeg vrachtschip naar binnen en samen met twee Duitse
bootjes mogen ook wij in de schutting mee. Op het kanaal aangekomen (het
is dan 2 uur) wordt het inderdaad in eerste instantie langzaam varen achter
de vrachtvaarder. Maar verderop laat onze voorganger de snelheid oplopen
tot 6 knopen. Als ik nu en dan even volle kracht inschakel, kan ik hem
net bijhouden. Dat blijkt een goede keus te zijn. De binnenvaartschipper
haalt verschillende langzaam varende (want geladen) collega's in en als
die hem zien aankomen, houden ze even de snelheid in, zodat betrokkene
kan passeren. Wij sluiten dan onmiddellijk aan en gaan in dezelfde passage
mee. Wel een beetje griezelig: een groot schip op een twintig meter voor
ons met een schroefwerking, die ons dwars kan gooien als we niet uitkijken
en een ander groot schip op een paar meter naast ons, met een zuiging,
die niet gering is. Ondertussen draait de Bukh op volle kracht om ons bruisend
en schuimend, stapje voor stapje aan het geladen schip voorbij te helpen.
De vaart over het Kuestenkanal saai? Ik snap niet waar u het over heeft!
Om zeven uur 's avonds houden we het voor gezien. We draaien het haventje
van Surwold in, alwaar we willen overnachten. Dit is kennelijk de vakantie
van de havens waar we nog nooit eerder geweest zijn, want Surwold zien
we nu ook voor de eerste keer!
Het blijkt behoorlijk druk te worden, maar ieder krijgt een plaatsje.
Na het douchen (Annet) gaan we per fiets Surwold verkennen. Dat lijkt
op het eerste gezicht een plaatsje van niks te zijn (en op het tweede gezicht
ook nog wel), maar bij nadere beschouwing is er toch nog wel iets te beleven.
Zo is er de Johannesburg, een heel complex van kerk, raadhuis, gebouwen
van een stichting, die zich met de verzorging van (zwakzinnige?) mensen
bezighoudt, en volgens een stel Surwoldse straatjongens ook nog een gesticht
voor moeilijk opvoedbare kinderen. Verder blijkt Surwold zichzelf als 'Erholungsort'
te presenteren, waarbij de lokale inwoners hun eigen (en andere) woningen
tot 'Ferienwohnung' hebben omgetoverd. Tijdens de fietstocht was ons al
opgevallen, dat de huizen er duur en pompeus uitzien, alsof er uitsluitend
directeuren van grote bedrijven gevestigd zijn. Verder blijkt er een klein
bedrijventerreintje te zijn, waar zich een supermarkt en een bistro en
een kiosk bevinden. Goed voor 'Frische Broetchen' in de morgen, zij het
pas vanaf 08.00 uur (zoals we de volgende dag tot onze ellende om half
acht ontdekken!)
De straatjongens, die ons in Surwold ronleidden, zijn in eerste instantie
nogal geimponeerd door de vouwfietsen, die in die omstreken kennelijk niet
erg bekend zijn. Na een demonstratie (door mij) hoe hard je ermee kunt
fietsen en een demonstratie (door Annet) van hoe je het ding opvouwt, zijn
de knapen niet meer bij ons weg te slaan. Zelf rijden ze op mountainbikes,
waarvan met trots vermeld wordt dat de ene 21 en de andere 18 versnellingen
heeft. Hoe meer versnellingen, hoe hoger prestige, kennelijk ...
Na als slaapmutsje een Boonekamp te hebben gedronken (een medisch goedgekeurd
maagbitter) hebben we in Surwold heerlijk geslapen.
woensdag, 1 augustus
Van: Surwold
Naar: Groningen
Na (zie gisteren) tevergeefs om half acht geprobeerd te hebben om verse
broodjes te pakken te krijgen, ontbijten we met gewoon brood. Vervolgens
varen we om 08.30 weg en komen we drie kwartier later bij de sluis van
Doerpen. Ik heb achter ons een vrachtvaarder ontwaard, maar meld daar per
marifoon (uiteraard!) niets van aan de sluiswachter. Zelf heeft betrokkene
zich ook niet vooraf gemeld, zodat de sluis voor ons wordt opengemaakt.
Als de deuren al dichtgaan, vraagt de vrachtvaarder of hij ook nog mee
kan. Dat kan dan dus niet meer. Had hij zich maar eerder moeten melden!
Wij stomen intussen hard naar Boellingerfaehr, alwaar wij voor onze manipulaties
bij Doerpen gestraft worden doordat nu tegen ons gezegd wordt: had u zich
eerder gemeld, dan had u nog meegekund! Niettemin worden we een half uurtje
later doorgelaten. In Herbrum geschiedt het onvoorstelbare. Bij het aanvaren
zie ik een laatste jacht de sluis in schutteren, terwijl de lichten op
groen staan. Onmiddellijk meld ik me bij de sluismeester per marifoon.
De man vraagt waar ik dan ergens ben. Ik zeg: voor de sluis. Hij veronderstelt,
dat ik te laat zal zijn. Ik zeg: ik kan de groene lichten al zien. Hij
weer: maar het duurt nog vijf minuten voor u er bent. Ik zeg: ik ben er
in een minuut. Reactie van de sluismeester: 'Na gut ... in Gottes Namen!'
Indrukwekkende verandering sinds de vorige keren, waar hij ons soms wel
anderhalf tot twee uur lang voor nop liet wachten!
Om half twaalf varen we de Eems op.
Pas bij Weener beginnen we (anderhalf uur later) wat stroom mee te
krijgen, tot de snelheid bij Emden opliep tot zo'n 8 knopen. De zeegang
valt zeer mee. Voor de Deutsche Bucht is 4/5 afgegeven, terwijl de Nederlandse
weermannen gezegd hebben dat er in Nederland weinig wind zal zijn. Het
hangt er dus vanaf bij welk gedeelte de Eems zichzelf gerekend wil hebben:
bij de Duitse Bocht of bij Nederland. Kennelijk is het laatste het geval:
er staat niet meer dan windje 3 uit het NW. Dat levert dus geen zee van
betekenis op. De enige golven die met beleid genomen moeten worden zijn
van een voorbijvarende sleepboot afkomstig. Zodoende varen we om half vijf
de sluis van Delfzijl in en liggen we om vijf uur bij de olieboer om de
diesel aan te vullen. Helaas neemt dat nogal wat tijd in beslag. Pas om
half zes varen we verder het Eemskanaal op. Aldaar bewijst de marifoon
weer onmisbare diensten bij het vlot en zonder vertraging openen van de
verschillende bruggen. Om acht uur kunnen we de openstaande Oostersluis
in achter een Belgische vrachtvaarder die ons bij Delfzijl al voorbijgevaren
is: had hij ons dus maar moeten laten voorgaan! En om half negen liggen
we in Groningen op de vanouds bekende plek voor de wal.
Aldaar bellen we Kees en Tineke, die thuis blijken te zijn. Ze komen
langs en gezeten in de kuip wisselen we verhalen uit.
Het is erg gezellig. We krijgen te horen over hun reis naar Zuid-Afrika,
en ze hebben een speciaal drankje uit die omstreken meegenomen: een mix
van Creme de Menthe en Koffielikeur, grappige combinatie die bruine en
groene kleur, die zorgvuldig gescheiden moeten blijven. In het glas tenminste,
want nadat je het glas 'bottom up' geledigd hebt, dien je de dranken in
je mond te vermengen alvorens de hele zaak door te slikken. Grappig en
lekker!
Het is dan ook al laat als Kees en Tineke weer weg gaan. Wij gaan dan
naar bed.
donderdag, 2 augustus
Van: Groningen
Naar: Uitwellingerga
We staan niet al te laat op. Omstreeks 07.30 varen we alweer. Dit keer
onderweg naar Uitwellingerga. De reis verloopt voorspoedig. Het is zonnig
en winderig en het Prinses Margrietkanaal zit vol met zeilers en motorbootvaarders.
Vooral ter hoogte van Grouw is het een gekkenhuis op het water. Een enkele
beroepsvaarder waagt zijn eigen en andermans leven door er midden tussendoor
te stomen. Niettemin loopt alles goed af. Het is amper twee uur als we
de vaart naar Uitwellingerga binnenvaren. Aldaar aangekomen blijkt de loswal
geheel bezet te zijn. Er liggen een platbodem (die daar kennelijk ook hoort)
en twee motorjachten. Wij leggen aan naast de platbodem en besluiten onmiddellijk
de mast te zetten. Voor morgen is meer wind voorspeld, dus we kunnen het
maar het beste zo snel mogelijk doen. Dat lukt ook inderdaad. In een rustig
doch gestaag tempo zetten we de mast in amper anderhalf uur! We worden
nog experts! Daarna pakken we de fiets en rijden naar Sneek, alwaar we
de drukte in de stad bekijken. Om half zeven komen Herman en Regina met
hun dochter Sterre bij ons op bezoek. Ze hadden de boot nog niet gezien
en zijn zeer onder de indruk. Na een uur gaan ze weer verder om bij Henk
en Jannie hun zoon weer op te halen, die daar gelogeerd is. Wij informeren
bij een autochtoon naar de dichtstbijzijnde Chinees en deze verwijst ons
naar een 'Waterchinees', een nieuw gebouw aan de haven in Sneek. Aldaar
blijkt een specialiteitenrestaurant gevestigd, waar dus niet de hoeveelheid,
maar de kwaliteit en de bediening centraal staan. Dat blijkt ook in de
prijzen, die behoorlijk hoog zijn. De kwaliteit van de gerechten is inderdaad
voortreffelijk, maar de bediening (en dan vooral de snelheid ervan) laat
zeer te wensen over. Zodanig zelfs, dat ik officieel van mijn ontstemming
blijk geef. Dat levert weliswaar een gratis drankje op, maar het restaurant
heeft wat mij betreft afgedaan. Jammer, maar helaas.
We besluiten nog een dag in Uitwellingerga te blijven, in verband met
de verjaardag van Regina morgen, die wij dan met een bezoek kunnen vereren.
vrijdag, 3 augustus
Van: Uitwellingerga
Naar: Uitwellingerga
We staan laat op en halen daarna broodjes bij de supermarkt en (als
we gemerkt hebben dat die niet echt vers zijn) bij de lokale bakker (die
zijn waar overigens waarschijnlijk ook van een regionale broodfabriek krijgt!).
Vervolgens ontbijten we en stappen dan op de fiets om een bezoek aan Regina
te brengen. Onderweg kopen we een bloemetje voor de gelegenheid en leggen
dan tot omstreeks 12.00 uur ons verjaardagsbezoek af. Daarna rijden we
door naar het Starteiland in het Sneekermeer, alwaar we de finale willen
aanschouwen van het Skutsjesilen. De overtocht kost 5 gulden per persoon,
tegen de helft in normale omstandigheden, maar dit hoogtepunt in de Friese
folklore rechtvaardigt dat prijsverschil! We lopen naar een dijkje aan
de oostkant van het starteiland en hebben dan een perfect uitzicht op de
wedstrijdbaan van de skutsjes. Het duurt niet lang voor de uitslag van
de wedstrijd bekend is. Het waait namelijk hard: W5 met uitschieters naar
6. Alle skutsjes hebben een gereefd grootzeil en een gereefde fok. Nu en
dan gaan de boten meer dan 45 graden op hun kant, wat spectaculaire beelden
oplevert. Sneek wint de wedstrijd, gevolgd door Leeuwarden en Lemmer. Het
eindklassement wordt door Grouw gewonnen, die de finale niet eens heeft
meegezeild! Men stond al zoveel punten voor, dat men de wedstrijdpunten
niet meer nodig had. Bovendien vreesde Grouw voor zijn tuig! Nogal laf
dus eigenlijk! Later hebben we contact met Uitwellingaaster Friezen, die
daar ook wel een beetje schande van spreken!
We blijven het eind van de wedstrijd niet afwachten. De uitslag is
immers na twee ronden al duidelijk. We fietsen dus terug naar Uitwellingerga,
maar informeren nog even naar de festiviteiten in Sneek. Vanavond zal de
Sneekweek geopend worden met een botenparade door de grachten. Aanvang
22.00 uur.
Na een uitgestelde siesta gaan we wederom op de fiets naar Sneek, alwaar
we eerst een restaurant bezoeken. We eten schnitzel met patat en salade,
besproeid met bier en tonic en bekijken daarna de lokale kermis en luisteren
naar de Straatklinkers, een band uit Sassenheim. Hoop reuring in de stad
dus, maar de optocht duurt Annet toch te lang. Vandaar dat we omstreeks
20.30 terug fietsen naar de boot. Onderweg worden we gebeld door Henk en
Jannie, die vragen of ze langs kunnen komen. Dat kan natuurlijk. Zodoende
zitten we tot 23.00 uur (bij het licht van een olielamp) in de kuip te
praten, eten en drinken, en wisselen we verhalen uit over kinderen, kleinkinderen,
pensioenen, vakanties en bezigheden na je 60ste.
Daarna gaan Henk en Jannie terug naar hun tent en gaan wij slapen.
zaterdag, 4 augustus
Van: Uitwellingerga
Naar: Lelystad
Omstreeks 09.30 vertrekken we uit Uitwellingerga, nadat we eerst ontbeten
hebben. Het regent nu en dan en de regenpakken en laarzen moeten wel aan.
Bovendien ervaren we zowel bij de brug van Uitwellingerga als bij de brug
van Spannenga, dat een staande mast ook nadelen heeft. We komen omstreeks
12.00 uur (mede door die mast dus!) net te laat bij de sluis van Lemmer.
De wind is pal W kracht 5 met uitschieters naar 6. Het is dus niet prettig
liggen aan lagerwal. Omstreeks 13.00 kunnen we door de sluis en stomen
we richting het keerpunt Rotterdamse hoek / Lemmer. Bij het punt aangekomen
besluiten we (vanwege de golven en het buiswater dat bij bakken overkwam!)
om richting Lemmer te varen. Om 13.30 liggen we voor de kant en lopen we
het stadje in. Bij een restaurantje aan de vaart (in het centrum van Lemmer)
bestellen we kibbeling met patat en salade en brengen daarna een bezoek
aan de locale Aldi, waar we bier en Isostar ophalen. Daarna slapen en luieren
we tot 18.00 uur. De wind waait bij voortduur met kracht 5 uit het westen,
maar daarna begint de windkracht af te flauwen. Derhalve besluiten we om
18.30 te vertrekken richting Houtribsluizen. Het kost wat moeite (vooral
tot de Rotterdamse Hoek) om vol te houden, maar uiteindelijk komen we om
21.30 in de Flevohaven aan. De havenmeester is om 17.00 al naar huis gegaan
en wij leggen dus aan bij de meldsteiger. Morgen betalen we wel. Na Mummelmann
en bier gaan we om 23.00 naar bed!
zondag, 5 augustus
Van: Lelystad
Naar: Monnickendam
Als we zijn opgestaan, zien we dat het weer niet echt veel beter is
geworden. Nog steeds wind W-SW 5 en mogelijk nog harder. We halen eerst
broodjes en voldoen onze liggeld verplichtingen. Het blijkt hier niet goedkoop
te zijn: 30 gulden voor 1 nacht! Het lijkt Denemarken wel. Na het ontbijt
maken we los en varen naar de sluis. Buiten gekomen staan de kopjes op
het water en vrees ik het ergste. Toch eerst maar door de sluis varen.
Dan kunnen we aan de andere kant wel verder kijken.
Terwijl we in de sluis liggen horen we op de marifoon de melding van
een waterhoos, die uit de richting Marken op ons af zou komen. Inderdaad
is de lucht in die richting inktzwart. Dat ziet er niet best uit. Even
later wordt gemeld, dat de hoos weer zou zijn opgelost.
Daarna varen we de sluis weer uit en kunnen we gaan bekijken hoe het
aan de andere kant van de dijk gesteld is. Dat lijkt in eerste instantie
mee te vallen. Als we voorbij de opening in de dijk varen verwacht ik eigenlijk
dat de rollers uit het westen wel in de haven zullen door staan, maar dat
blijkt niet het geval. Ook bij de meest zuidelijke opening is het zeetje
niet zo ruw als ik wel gedacht had. We besluiten derhalve het er maar op
te wagen en op de motor richting Monnickendam te varen. Dat is pal west
en dus vrijwel recht tegen de golven in.
Halverwege de tocht (midden op het Markermeer dus) komt er toch nog
wat extra wind en golven op ons af, maar wegschuilend onder de buiskap
laten we de stuurautomaat het werk doen en arriveren zo tegen 13.00 uur
voor Volendam. Nog een half uurtje varen en we kunnen weer op ons oude
plekje bij Hemmeland aanleggen.
Om 17.00 komt Reynold ons ophalen en hebben we een schitterende vakantie
afgesloten!