Verslag reis Denemarken 2001
Terug naar homepage
vrijdag 6 juli
Van: Monnickendam
Naar: Groningen
Om half vijf (!) word ik wakker, trek wat kleren aan en maak de boot los. Ik start de motor en we varen de box uit, onderweg naar Enkhuizen! Jacco en Reynold zijn inmiddels ook wakker geworden en kleden zich gapend en rillend aan. Intussen vaart de boot in het Monnickendammer Gat en stuur ik op de rode gastonnen van het vaarwater naar Marken. Ik heb gisteren een stel waypoints via de computer in de GPS gezet en het blijkt dat de stuurautomaat daar uitstekend op weet te sturen. Tijd voor wat koffie en boterhammen.
De wind is NO, kracht 3 - 4 en om wat snelheid te winnen zet ik de rolfok bij. Dat scheelt een dikke halve knoop. Het verloopt allemaal voorspoedig. Even na half acht zijn we bij de sluizen van Enhuizen. Als we de voorhaven binnenlopen gaat er net een binnenvaartschip de sluis in. Per marifoon vraag ik of we er nog bij kunnen. Dat blijkt niet het geval. We moeten dus even wachten. Na 10 minuten mogen we de sluis in en na nog wat getreuzel van de sluiswachter mogen we om 08.00 het Krabbersgat op varen. Inmiddels is de wind ietsje aangewakkerd en waait uit het NW, kracht 4 - 5. Ook nu varen we op de motor en zet ik de rolgenua alleen bij op die stukken, dat het bezeild is. Dat is het grootste gedeelte van de route, die ik in een rechte lijn vanaf het Krabbersgat tot voor de nieuwe haven van Staveren heb gesteld. Ook deze afstand word in ijltempo afgelegd en om 10.00 uur varen we de sluis van Staveren alweer uit.
Omdat er verschillende boxen in de haven leeg staan, leggen we het schip daar even neer. Vervolgens strijken we de mast en kunnen dan om 11.15 weer verder. Als Annet belt om 12.30 zitten we (tot haar en onze verrassing!) al op de Fluessen en is Heeg nog een half uurtje varen verwijderd. In gemeen overleg besluiten we Uitwellingerga als punt van rendez-vous te nemen. Annet weet hoe ze daar met de auto moet komen en wij komen er op onze route vlak langs.
Als we om half twee het haventje binnenvaren, staat Annet daar al op de kant te wachten. Spullen worden aan boord gehesen, Reynold neemt de auto over en rijdt daarmee naar zijn vriendin in Maastricht en wij (Annet, Jacco en ik) gaan om 14.30 verder.
Ook de rest van de tocht verloopt vlot. We tanken diesel in Bergum, zodat we de reserve cans nog niet hoeven aan te spreken. En ook verder gaat het allemaal zo snel, dat we om 21.00 aanleggen bij de schippersligplaats in Groningen! Een voorwaar forse afstand voor één enkele vaardag, zij het dat hij wel kleine 17 uur geduurd heeft!

zaterdag 7 juli
Van: Groningen
Naar: Kuestenkanal
Als we om half zeven opstaan en gaan varen, is de bunkerboot bij de schippersplaatsnog (lang) niet geopend, zodat we zonder bijtanken door de Oostersluis en vervolgens door het Eemskanaal varen. Omdat we voor de zeesluis van Delfzijl even moeten wachten zien we kans de onderweg geleegde can weer met diesel te vullen bij de bunkerboot aldaar. Dan varen we (via de sluis) de haven uit en de Dollard op. Daar staat een pittig zeetje. Een drietal hoge golven doen de cilinder van de rolfok over de mast heenslaan, zodat Annet naar voren moet om de zaak weer te klaren. Dat levert geen problemen op en voor de rest blijft het vrij rustig. We hebben de stroom inmiddels volop mee en halen snelheden tot boven de 8 en regelmatig ook boven de 9 knopen! Zodoende zijn we in recordtijd om 14.30 in Herbrum. Helaas speelt de sluiswachter ter plaatse weer de rol van dwarsligger (zoals we hem al vaker meegemaakt hebben!) en kunnen we met de andere aanwezige sportboten pas na een volle twee uur wachten door de sluis. Boellingerfaehr gaat snel, maar Doerpen duurt ook weer een half uur wachten. Jammer, jammer ... daardoor varen we pas om 18.30 het Kuestenkanaal op. Tijdens de wachtperiode maken we kennis met een jong stel uit Amsterdam, varend in een Ocean 21, een klein kajuitjachtje. Op de Eems waren we ze al tegengekomen, toen we ze inhaalden terwijl ze de rivier op voeren met een buitenboordmotor. Ze blijken het fijn te vinden wat ervaringen te kunnen uitwisselen. Bij nadere kennismaking blijken ook zij een ligplaats te hebben in Hemmeland in Monnickendam! We stomen door tot 22.00 en vinden dan een aanlegplaats voor een locale rondvaartboot, die momenteel niet aanwezig is. Volgens de aanplakbiljetten ligt hij verderop aan een kade om gerepareerd te worden. Wij maken dankbaar van de stilzwijgend geboden gelegenheid gebruik en overnachten ter plaatse voortreffelijk!

zondag 8 juli
Van: Kuestenkanal
Naar: Oldenburg
Om half acht staan we op en varen vrijwel onmiddellijk daarna. Onderweg ontbijten we met kaas en een gekookt eitje en varen intussen verder naar Oldenburg, waar we om 10.00 hopen aan te komen. De sluis zal namelijk volgens de zondagsregeling alleen tussen 09.00 en 12.00 uur bediend worden. Dat hopen we dan ruim te halen. We nemen ons voor daarna in Oldenburg te blijven liggen, omdat het gunstige tij om Bremerhaven te halen dan inmiddels toch al verlopen is. Misschien gaan we 12 uur later (vanavond dus) nog die kant uit, maar het is ook mogelijk dat we maandag pas gaan. Per slot is de zondag een rustdag!
Omstreeks 11.00 uur kunnen we door de sluis. De 'Amsterdammers' komen dan ook net aanvaren en gaan met ons door de sluis. Tevens komen we hier een stel andere oude bekenden tegen: een echtpaar uit Bergum, dat we al eens eerder op de Eems hebben getroffen. Zij besluiten met het eerstvolgende hoogwater (omstreeks 17.00) door te varen naar Bremerhaven.
Wij gaan echter in Oldenburg liggen, zij het niet op de droogvalplaats. Daar hebben we genoeg negatieve ervaring mee opgedaan!
De middag besteden Jacco en ik om brandstof te vergaren. Dat heeft nog heel wat voeten in de aarde. De dichtsbijzijnde pomp blijkt namelijk gesloten te zijn en de eerstvolgende ligt op zo'n 3 kilometer afstand! Dat wordt dus een behoorlijk stuk lopen. Gelukkig vinden we op de haven een aanhangkar voor een fiets, die we onmiddellijk requireren voor onze doeleinden. Tegen 17.00 zijn we wat brandstof betreft weer helemaal opgetopt.
's Avonds halen we drie 'Doener Kebabs', die (zoals we bij ons vorige oponthoud in Oldenburg hadden ervaren!) heel goed te eten zijn.
Van de havenmeester hebben we dan inmiddels vernomen dat hoogwater morgenvroeg om 07.00 uur is, dat we een uur voor hoogwater verondersteld worden te vertrekken en dat de spoorbrug een kwartier voor dat tijdstip even per marifoon op kanaal 73 gewaarschuwd moet worden, zodat hij op tijd gedraaid wordt. Het blijkt de volgende morgen allemaal precies zo te gaan als hij gezegd heeft!

maandag 9 juli
Van: Oldenburg
Naar: Otterndorf
Om half zes (!) gaat de wekker en staan we (lichtelijk kreunend) op. Ook de 'Amsterdammers' zijn druk in de weer om hun boot vaarklaar te maken. Wij gooien los en ik roep per marifoon op kanaal 73 de brugwachter op, die bereid blijkt binnen vijf minuten de brug te draaien. Omstreeks 6 uur varen we dus door de geopende brug en stomen de Hunte af in de richting van de Weser. Het eerste uur hebben we nog een knoop stroom tegen, maar ter hoogte van Elsfleth begint de stroom mee te lopen. Vanaf dat moment tot in Bremerhaven komen we eigenlijk niet meer onder 8 knopen: minimaal 2 knopen stroom mee dus! Op bepaalde momenten op de Weser halen we zelfs meer dan 9 knopen! Het is dan ook om 10.15 dat we tussen de havenhoofden van Bremerhaven arriveren. Terwijl we onder de brug doorvaren zien we 'Bergum' aan de steiger voor de kant liggen. Die zijn kennelijk eerst nog inkopen doen in Bremerhaven en hebben nog geen zin om verder te gaan.
Het blijkt trouwens dat ze daar met hun 1.40 diepgang ook niet toe in staat zouden zijn, want het is bij laag water in Bremerhaven zo ondiep, dat zelfs wij (met onze 1.10) nu en dan amper 50 cm wateronder de kiel hebben! We varen dan ook heel langzaam precies in het midden van het vaarwater in de richting van de keersluis. Daar komen we tegen 11.00 uur aan. Nog geen enkel teken dat de sluis geopend zal gaan worden. Omdat de keersluis open staat, loopt er een behoorlijke stroom, die het aanleggen aan de damwal moeilijk maakt. Ik loop geen risico en draai de boot (met wat ingewikkelde manoevres) in het nauwe vaarwater en vaar weer richting Bremerhaven. Gelukkig heeft Jacco het telefoonnummer van de sluiswachter bij de hand, zodat we met de mobiel even kunnen informeren wanneer hij van plan is de sluis te draaien. Dat blijkt om elf uur te zijn. Opgelucht draai ik de boot dus weer en stoom langzaam naar de sluis toe. Die loost eerst een bootje uit de richting van de Geeste en daarna kunnen wij erin. Om 11.15 varen we richting Bederkesa. Naar ik vrees houden we ons (wederom!) niet precies aan de officiele snelheid van 8 kilometer per uur, hoewel we er ook niet gruwelijk veel overheen gaan. Tegen 14.00 zijn we in Lintig. Daar blijkt de sluis in reparatie te zijn. Geheel tegen onze zin moeten we op last van de sluiswachter een kaartje kopen bij de automaat. We doen dat liever niet, omdat dan in Otterndorf het tijdstip van passage gecontroleerd kan worden, waarna bij te snel varen eventueel een boete volgt. Ik zeg dan ook dat ik alleen papiergeld bij me heb en wel uitsluitend 100 DM biljetten. Dat blijkt (helaas) echter geen probleem. Hoewel ik des sluismeesters complete wisselgeldbestand plunder ziet hij kans mij voldoende munten te verstrekken zodat ik er niet meer onderuit kan om een kaartje uit de machine te halen.
Dat doen we dan ook en gaan na het doorvaren van de sluis over op plan B.
Dat bestaat daarin, dat we eerst een uur boodschappen doen in Bederkesa (lijm en schroeven moesten we toch nog hebben!) en daarna met onze oude snelheid richting Otterndorf stomen. Daar komen we aan omstreeks 18.30 , ruim op een tijdstip dat geen verdenking wekt van te snel varen!
We leggen de boot naast een voor de kant liggend motorjacht. De eigenaar ervan vindt dat bij terugkomst niet leuk (wat hem de uitspraak 'Komiker' ontlokt), maar daar trekken wij ons niets van aan! Als de Duitsers bij ons kuilen op het strand mogen graven, mogen wij onze boot wel naast de hunne afmeren!
Jacco en ik maken nog een kleine wandeling naar de buitenhaven en vervolgens gaan we niet al te laat naar bed.

dinsdag, 10 juli
Van: Otterndorf
Naar: Rendsburg
De volgende morgen zijn we om 07.30 wakker en wordt om 08.00 uur de sluis gedraaid. Eerst komen er wat schepen van buiten naar binnen en daarna mogen wij gesluisd worden. Wij komen (hoewel we vrij laat de kolk binnenvaren) als een van de eersten naar buiten. We wisten dat nog van een vorige keer, zodat we geen pogingen hebben gedaan om voor te dringen. Dat werkt hier averechts!
Tussen 08.30 en 09.00 varen we de haven in. We vinden zonder problemen een lege ligplaats aan de middensteiger en vangen aan met het zetten van de mast. Omstreeks 10.15 staat het ding en drinken we koffie. Wel wordt ons duidelijk, dat het hebben van een stappenplan voor het zetten van de mast geen overbodige luxe is. Hoewel de procedure elke keer dezelfde is, lopen we toch telkens tegen nieuwe en onverwachte probleempjes op. Met een stappenplan zou dat mogelijk voorkomen kunnen worden.
Jacco en ik besluiten daarna naar Otterndorf te lopen. Dat doen we en kopen daar een krant, waarna we ons aan ijs te buiten gaan. De hoeveelheid is echt Duits te noemen: we hebben behoorlijk tijd nodig om het te verstouwen. Maar het is erg lekker.
Na het inwinnen van inlichtingen blijken we op anderhalf uur na laag water in Otterndorf de haven te kunnen verlaten. De 'Amsterdammers' volgen ons op de voet. Na het starten van de motor blijft de piezopieper van het motorpaneel helaas piepen, hoewel er absoluut geen problemen met de motor zijn. Koelwatertemperatuur is normaal, olie is gecontroleerd, stroom gaat perfect. Ik besluit al varende de stekker van de piezopieper los te trekken, zodat we in elk geval van het hinderlijke lawaai verlost zijn. In een kleine twee uur bereiken we Brunsbuettel. De sluis wordt helemaal volgestampt met watersporters en weldra kunnen we het kanaal op. Na diesel getankt te hebben bij de bunkersteiger varen we verder richting Dueckerswisch. Omdat we daar al om 17.30 aankomen, besluiten we verder te varen. Eerst overwegen we bij de Gieselau sluis te gaan liggen, maar uiteindelijk beslissen we door te varen naar Rendsburg. Vlak voor we de draai naar Rendsburg kunnen maken, barst een gigantische regen- en onweersbui los. Gelukkig zagen we het aankomen en hadden we onze pakken aangetrokken. Redelijk droog leggen we dus aan in de jachthaven.

woensdag, 11 juli
Van: Rendsburg
Naar: Kiel-Holtenau
De volgende dag betalen we eerst het liggeld aan de havenmeester en vragen waar we een vervanging voor de kennelijk kapotte piezo kunnen krijgen. Hij wijst ons zonder mankeren een electronicazaak en inderdaad kunnen we daar voor nog geen 10 DM terecht. Het ding werkt weliswaar op 12 volt in plaats van 24, zodat hij behoorlijk hard piept, maar beter te hard dan helemaal niets gehoord!
Inmiddels is het gelukt om met een soldeerbout de verbroken verbinding met een van de draadjes op het membraan te herstellen, zodat de oude piezo (zij het zachter dan het nieuwe exemplaar!) zijn taak nog even kan blijven vervullen. Het nieuw gekochte exemplaar gaat bij de waarloze spullen. Reserve is nooit weg.
Hierna vertrekken we uit Rendsburg en varen naar Holtenau. Daar komen we tegen 14.00 aan. Na enig oponthoud in de sluis (de sluismeester meldt dat sommige boten niet betaald zouden hebben en dat de deur niet opengaat voordat ieder zijn verplichtingen is nagekomen!) kunnen we de boot in de haven bij Holtenau leggen.
Het water staat (vanwege de voortdurende harde westenwind van de laatste dagen) lager dan we ooit hebben meegemaakt. We brengen een bezoek aan Tiessen en geven onze bestellijst af. We kunnen het morgen komen ophalen. Zes rode lichtkogels nemen we onmiddellijk mee. Ze worden op de lijst bijgeschreven.

donderdag, 12 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Kiel-Holtenau
We slapen uit tot omstreeks half negen en worden dan gewekt door de havenmeester. Nadat het liggeld betaald is, rijden we met de bus naar centrum Kiel. Daar koopt Jacco alvast een treinkaartje voor de terugreis van morgen. Vervolgens doen we nog wat inkopen en keren dan weer terug naar de boot. Na een korte siesta wandelen we wat in de omgeving en kijken 's avonds uitgebreid naar de t.v. De ontvangst is hier voortreffelijk, hoewel de programma's behoorlijk bejaard zijn: films en shows uit de 70er en 80er jaren, met Louis de Funes en Rudi Carell! Toch wel grappig om nog eens te zien.

vrijdag, 13 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Kiel-Holtenau
Het weer laat nog steeds te wensen over. De windkracht is eigenlijk teveel voor ons en we besluiten dan ook pas morgen te vertrekken. Eerst brengen we Jacco naar de trein en gaan daarna terug naar de boot. We siesteren wederom en proberen daarna een fietstochtje in de omgeving te plegen. Dat mislukt vanwege de voortdurende regenbuien.
We horen het uitgebreide weerbericht en besluiten dat we morgen met ZW-5 naar Langeland zouden moeten kunnen zeilen. We gaan dat in elk geval proberen. Voor het weekend wordt nog minder wind voorspeld: O-3 en later N-3 of minder. Dat zou dobberen worden. Dan is windkracht 5 (mits in de rug) verre te prefereren.
We zullen zien.

zaterdag, 14 juli
Van: Kiel-Holtenau
Naar: Marstal
We worden 's morgens om half negen gewekt door de havenmeester. We kleden ons aan, ontbijten uitvoerig en vertrekken om 10.00 uur. Het weer is prachtig. De zon schijnt, de zee is vlak, en er is vrijwel geen wind. Dat is wel verwonderlijk, want het weerbericht had het gisteren over 5 uit het ZW. We ervaren feitelijk een windkracht 2 uit het O/NO. Tot omstreeks 13.00 varen we derhalve op de motor met het grootzeil als steunzeil. Daarna trekt de wind aan tot kracht 4 en zetten we de fok bij en de motor af. Dat scheelt 1 knoop snelheid, maar het levert een hoop rust op! Inmiddels worden we ingehaald door een stel Duitse jachten. Dat vinden we niet erg, want wij zijn nog nooit eerder langs deze kant naar Fuenen gevaren, en het blijkt nogal lastig om de verkenningston van het vaarwater naar Marstal te ontdekken. We volgen derhalve de Duitsers en ze blijken te weten hoe het hier in elkaar zit. Weldra ontdekken we de verkenningston. Daarna wordt het in de vaargeul een beetje erg druk. We moeten filevaren achter een vierkant getuigd Nederlands charterschip (de Aphrodite uit Stavoren(?)), maar kunnen weldra passeren. Daarna is het zoeken naar een plaatsje in de haven. Dat blijkt niet eenvoudig, maar wel oplosbaar te zijn. We leggen aan in een eindeloos lange box, waarin we alleen goed kunnen afmeren met de achter-landvasten op maximale lengte en gekruist vastgemaakt. De havenmeester komt tegen 18.00 langs en vraagt 85 kronen, wat ons meevalt. 's Avonds na het eten halen we de fietsen tevoorschijn en doen een klein verkenningsrondje door Marstal. Dat heb je in tien minuten wel ongeveer gezien. Maar het uitzicht aan de landkant van het plaatsje is prachtig! Glooiende hellingen en de binnenwateren richting Fuenen in het zicht. Schitterend! 's Avonds gaan we douchen, wat Annet niet goed bekomt, omdat de warmwaterkraan niet goed blijkt te werken.

zondag, 15 juli
Van: Marstal
Naar: Marstal
's Nachts word ik om drie uur wakker van het geklapper van de vallen tegen de mast. De wind is behoorlijk aangewakkerd en het lijkt erop, dat we nu pas de voorspelde ZW-5 krijgen. Het kost nogal wat moeite om de vallen tot stilte te bewegen, maar uiteindelijk lukt dat. Ik val weer in slaap en word tegen 08.30 wakker. We kleden ons aan en nemen ons ontbijt. Tegen 10.00 gaan we per fiets naar de kerk. Er zijn ongeveer 40 kerkgangers, die luisteren naar een preek van een vrouwelijke dominee. De schriftlezing kunnen we nog wel enigszins volgen, evenals de gezongen liederen, die we immers in het liedboek kunnen meelezen. Maar de preek is volstrekt onbegrijpelijk.
Na de dienst gaan we fietsen. We besluiten naar Aeroskoebing te gaan. We blijken een fietskaart van de route te hebben, die bovendien uitstekend is bewijzerd. De route is zonder meer schitterend. We zijn omstreeks 13.00 in Aeroskoebing, waar we gerookte zalm met aardappelsalade eten in een Roegeri bij de haven. Daarna ondernemen we de terugreis langs een andere route. Om 15.00 zijn we weer in Marstal terug.
Als we om 18.00 op het punt staan de avondmaaltijd te gebruiken, verschijnt er een Deen met een motorboot achter onze ligplaats, die zijn box komt opeisen. Pas nu bekijken we het kaartje op de steiger, dat inderdaad vermeld dat de box alleen tot 17.00 vrij was. We maken los en varen achteruit de box uit. We krijgen de tip dat er aan de volgende steiger een plek vrij zou zijn. Na enig manoevreren blijkt dat inderdaad het geval en een kwartier later liggen we weer vast.
's Avonds kost het nogal wat moeite om het weerbericht te horen te krijgen. De Deutschlandfunk (met een uitgebreid weerbericht voor de Oostzee) is vanaf hier alleen met vreselijk veel ruis te horen. Toch weten we de meest relevante gegevens op te vangen: het zal morgen iets harder gaan waaien, maar de trend voor de Oostzee is toch W-4/5, voor onze doeleinden voortreffelijk!

maandag, 16 juli
Van: Marstal
Naar: Rudkoebing
We zijn omstreeks 08.30 wakker, maken ons toilet en gaan ontbijten. Daarna fietsen we nog even naar de 'Pengeautomat', zoals de flappentapper in Denemarken heet. Als we terug zijn zie ik net onze achterbuurman op de wal lopen. We melden hem, dat we over een kwartier wegwillen. Daar zal zijn medewerking voor nodig zijn, want gisteravond is hij (wegens vermeend plaatsgebrek in de haven) dwars achter onze box gaan liggen. Hij belooft op tijd weg te zullen zijn, maar houdt die belofte niet echt. Gelukkig duurt het niet al te lang en om 10.30 zijn we onderweg naar Rudkoebing. Van zeilen komt niets. Er is nauwelijks wind en wel stroom. Vandaar varen we op de motor. De afstand is niet groot en omstreeks 12.30 leggen we aan in een box in de haven van Rudkoebing. De jachthaven is vrij groot en wordt omzoomd door vakantiehuisjes, die voor 50% bezet zijn. Op de fiets gaan we het stadje verkennen en het valt ons niet tegen. Bij een winkel in mobiele telefoons kopen we het VicTid pakket van TDC Mobil, waarbij we een prepaid kaart kunnen krijgen ter waarde van 200 kronen voor slechts 100 kronen. Dat kunnen we niet laten lopen! De bedoeling is om via de telefoon de verbinding met Internet te regelen vanaf de boot. Bij het VVV kopen we een fietskaart voor Langeland en diezelfde avond ondernemen we een tochtje naar Kragholm. Dat blijkt anderhalf huis en een paardenkop te zijn, maar de omgeving is prachtig. 's Avonds neem ik nog wat sfeerfoto's van de haven en het havenverkeer. Allemaal erg aardig.
De weersberichten zijn echter zodanig gunstig, dat we besluiten direct morgen door te varen naar noordelijker havens. Onze Deense buurman brengt ons van het idee af om naar Odense te willen varen. 'Waarom zou je dat doen?', vraagt hij, 'Het is een lang en vervelend stuk varen, die hele fjord in, en in de stad kun je niet eens goed liggen! Ga met de trein of de bus vanuit een van de andere havenstadjes.' We besluiten zijn goede raad op te volgen en varen morgen dus naar Kerteminde. Verder lukt het niet om de Internet verbinding op touw te zetten. Overleg met een Deense helpdesk levert de kennis op, dat we per mobiel op een ander nummer moeten inbellen en dat het account voor mobiel inbellen geschikt moet worden gemaakt. Wat een gedoe allemaal!

dinsdag, 17 juli
Van: Rudkoebing
Naar: Kerteminde
We vertrekken bijtijds: 09.30 en moeten de eerste uren naar het noorden motorren, omdat de wind geheel ontbreekt. Ter hoogte van Lohals wordt dat anders. Maar de wind is dan nog zodanig NO, dat we niet echt de koers kunnen blijven volhouden. Vandaar dat we op de motor maar doorstompen. Er begint intussen wel wat deining te ontstaan en ter hoogte van de Grote Belt Brug begint die zelfs wat ruwe vormen aan te nemen. Toch is er geen sprake van echter hinder. We gaan gewoon door. Het duurt even voor we de juiste brugdoorgang hebben gevonden, maar daarna kunnen we de fok bijzetten en snellen we met dik 6 knopen richting Kerteminde. Aldaar is het (als gebruikelijk) weer moeilijk om de precieze haveningang te vinden. Maar de GPS laat zich niets wijsmaken. Hij stuurt ons precies naar het goede punt, hoewel we bijna tot het laatst zijn oordeel blijven betwijfelen. Dom natuurlijk: de computer heeft immers altijd gelijk!
Het vinden van een box levert geen problemen op. Ruimte zat. En na de avondmaaltijd gaan we Kerteminde verkennen op de fiets. Na een paar straten ontdekt Annet een Internetcafe, waarvan we haastig gebruik maken om de mail op te halen en (zonodig) te beantwoorden. Verder fietsend langs te haven komen we nog een Nederlands charterschip tegen, dat zijn passagiers aan land zet. Dat soort schepen vaart kennelijk overal. We zijn er op de Deense wateren al tallozen tegen gekomen.
Aan boord gekomen blijkt het account per mobiel inmiddels ook te werken. Kunnen we dus ook nog mailen als er toevallig geen Internetcafe in de buurt is!
De weerberichten zijn blijven onverminderd gunstig en geven voor morgen zelfs O-4 af. We besluiten dan ook door te varen naar Bogense, aan de noordkant van Fuenen. Vandaar willen we dan proberen naar Odense te komen.

woensdag, 18 juli
Van: Kerteminde
Naar: Bogense
We zijn er bijtijds uit: 08.00 uur ongeveer en een half uur later stomen we de haven uit in een rijtje van misschien wel 5 boten. Kennelijk zijn de Denen geen langslapers. Ik heb de koers uitgezet op de computer en geupload naar de GPS, zodat de stuurautomaat weet waar hij heen moet sturen. Het eerste waypoint ligt op de hoek van de bocht van Kerteminde, een dikke mijl bij de haveningang vandaan. De wind is nog gering, maar wordt allengs iets sterker. Bij de hoek aangekomen vallen we af en zetten de zeilen. Een half uurtje gaat dat prima. Dan komen we in de windschaduw van een klein eilandje dat daar voor de kust ligt en zetten we de motor bij. Als we het eilandje voorbij zijn, neemt de wind steeds verder af. De snelheid loopt terug van 4 naar 3 en naar 2 knopen ... Daar zit geen toekomst in: de motor maar weer!
Omstreeks 12.00 uur ronden we Fyns hoved, de noordoostelijke punt van Fuenen. Dan is het nog een heel eind varen naar Aebeloe, het kleine schiereilandje pal boven Bogense. Tot dat waypoint draaien we op de motor. De wind is vrijwel helemaal afwezig. Voorbij Aebeloe echter kunnen we de zeilen weer zetten en kunnen we de laatste vijf mijl naar Bogense zeilen!
Ook nu weer is de haveningang lastig te vinden, maar komt de GPS er wel weer uit. Als we de haven binnenvaren staat er inmiddels een stevige windkracht 4, die ons nog wel parten speelt bij het aanleggen. Het duurt bovendien even voor we een lege box vinden. Maar uiteindelijk liggen we voor de kant.
's Avonds maken we een wandeling door Bogense. Dat valt ons behoorlijk tegen. Weliswaar is het het oudste stadje van Fuenen, maar Kerteminde was aanzienlijk leuker! Beetje een miskleun dus. Vandaar besluiten we (nu de weerberichten ons nog steeds zeer gunstig gezind zijn!) morgen weer verder te varen, nu naar Middelfart, vanwaar we per trein naar Odense zouden moeten kunnen komen. We zouden dan de fietsen mee kunnen nemen, zodat we in Odense niet hoeven te lopen! Natuurlijk is er in Bogense geen Internetcafe. Ze hebben zelfs geen idee, wat we ermee bedoelen als we een paar inboorlingen de vraag stellen. Gelukkig werkt onze prive-verbinding uitstekend!

donderdag, 19 juli
Van: Bogense
Naar: Middelfart
Om 10.00 varen we de haven uit (na een langdradige vergeefse poging om diesel getankt te krijgen bij de pompsteiger, wat mislukt omdat de tankautomaat niet doet wat ik wil dat hij doet) en op de motor (wederom geen tot zeer weinig wind!) stomen we richting Middelfart. Het is nogal mistig en het zicht is beperkt. De GPS en stuurautomaat hebben daar echter geen moeite mee en op de computer kan ik constateren dat ze het schip in de juiste richting sturen.
Aangekomen in de Snaevringen zien we N.B. een stel bruinvissen telkens even met hun kleine driehoekige rugvinnen boven water komen! N.B. terwijl de schepen en scheepjes hen links en rechts om de oren varen! Moet wel heel schoon water zijn hier!
We varen onder de Nye Lillebaelt Bro door en zoeken naar de Middelfart Lystboadehavn. Dat valt niet mee, want het handboek blijkt een foutje in de beschrijving te hebben gegeven. Uiteindelijk leggen we aan bij de Kongbro haven, een klein jachthaventje, dat helaas echter geen brandstof kan leveren. Nou ja .. moet dat later maar een keer.
We houden een uitgebreide siesta en gaan daarna per fiets het stadje verkennen. Allereerst kopen we bij het VVV een fietskaart voor heel Fuenen. Dat hadden we natuurlijk al veel eerder moeten doen in plaats al die lokale kaarten los te kopen. Nu ja ... beter laat dan nooit. Vervolgens (wie schetst onze verbazing!) zien we dat er in het halletje een computer staat met een open Internetverbinding. We mogen inderdaad gratis van het ding gebruik maken om de mail te lezen en/of dingen op te vragen! Dat is nog eens een service. Ik log onmiddellijk in bij de DDS en lees (en beantwoord) mijn mail. Tevens vraag ik bij www.wetteronline.de de mailing van de weerberichten voor de Belten en Sont en voor de Westelijke Oostzee aan. Zodoende zullen we de berichten (als het goed is) gewoon per mail toegestuurd krijgen! Vervolgens sporen we een winkel voor mobiele telefoons op en kopen daar een extra tegoed voor 50 kronen, door de mevrouw van de winkel zelf geactiveerd, zodat we geen pogingen hoeven doen om het ingewikkelde Deens van de gebruiksaanwijzing te vertalen. Daarna informeren we bij het station naar de prijzen en tijden van de Deense spoorwegen richting Odense. Het blijkt voor ons beiden op 60 gulden te komen en de treinen rijden twee keer per uur. De vouwfietsen mogen in opgevouwen toestand zonder verdere kosten worden meegenomen!
Terug aan boord eten we tortellini met champignonsaus.

vrijdag, 20 juli
Van: Middelfart
Naar: Odense
Tegen half tien gaan we per fiets naar het station, alwaar om kwart voor 10 de trein vertrekt naar Odense. We stappen zonder problemen in en kunnen de fietsen op het balkon stallen. De trein is comfortabel te noemen. En hij rijdt (o wonder, sinds de rampzaligheden van NS!) op tijd! Na een dik half uur komen we in Odense aan. We zetten op het perron de fietsen in elkaar en lopen daarna naar de uitgang. Eenmaal op straat aangekomen is het even zoeken voor we het centrum en aldaar het VVV gevonden hebben. Maar weldra lukt dat. We krijgen een vriendelijke uitleg van een VVV juffrouw, die ons uitlegt, dat het Hans Christian Andersen Hus eigenlijk een 'must' is voor elke toerist, en dat ook het Fynsk Landby (een openluchtmuseum, dat laat zien hoe de boeren op Funen gehuistvest waren in voorgaande eeuwen) de moeite waard is.
We bekijken eerst het H.C.A. huis, annex museum. We wachten daarbij zelfs de rondleiding af en zien tegelijk een soort show van de sprookjes van Andersen, opgevoerd door kinderen met een enkele volwassen ondersteuning. Heel aardig allemaal.
Daarna stappen we op de fiets en rijden naar de andere kant van Odense om het openluchtmuseum in ogenschouw te nemen. Dat blijkt een hele afstand te zijn. In tegenstelling tot vrijwel alle andere Funense plaatsen is Odense echt groot te noemen. Het kost een kleine 20 minuten fietsen voor we er zijn. Onderweg stappen we af bij een slager en kopen daar twee belegde broodjes. Niet goedkoop, maar wel erg lekker. Bij het museum aangekomen kopen we kaartjes en wandelen vervolgens het hele terrein over. Boerderijen van arme en rijke boeren, allerlei werkplaatsen van allerlei ambachtslieden, soms is een bepaald onderdeel zelfs in gebruik voor demonstraties. Erg leuk. Maar ook wel behoorlijk vermoeiend. We brengen in totaal twee uren zoet.
Daarna fietsen we weer terug naar het station. Onderweg stoppen we nog even bij een bakker om broodjes en koeken op te halen. De koeken blijken later een groot succes.
De trein van 16.31 blijken we nog net te kunnen halen en binnen een half uur zijn we weer terug in Middelfart. We fietsen weer naar de boot en bergen daar de fietsen onmiddellijk op. De rest van de avond wordt in gepaste rust doorgebracht. Het was namelijk allemaal behoorlijk vermoeiend!
Als we om half elf in bed liggen (en ik al bijna slaap) wordt er op de boot getikt. De Duitse buurjongen vraagt of hij ons met de door hem gevangen kabeljauw blij kan maken. Ik doe maar net of dat het geval is en neem het plastic zakje met twee kleine vissen dankbaar in ontvangst.

zaterdag, 21 juli
Van: Middelfart
Naar: Aaroesund
Om 08.00 uur zitten we aan het ontbijt. Daarna wordt de boot gereed gemaakt voor vertrek. We varen eerst naar een jachthaven aan de andere kant van de landtong waarop Middelfart ligt. Daar tanken we 30 liter diesel. Vervolgens zetten we zeil en sturen we de boot richting Aaroesund, een haventje halverwege de Kleine Belt. Omdat de wind W-NW is, kunnen we dat redelijk goed bezeilen. De snelheid loopt uiteen tussen de 3 en de (bijna) 6 knopen. Omstreeks half twee zijn we ter plekke aanwezig en kunnen we na enige moeite in een box aanleggen. Het belooft behoorlijk vol te worden in de haven.
Om 15.00 besluiten we per fiets een tochtje naar Haderslev te ondernemen. Dat is zo'n 15 kilometer hier vandaan en dat zouden we dus moeiteloos moeten kunnen halen. Dat lukt ook. Om 16.30 zitten we in Haderslev aan het Deense ijs (een hoorn volgestort met alle mogelijke soorten ijs en bavarois, overgoten met vruchtensaus of wat de gebruiker nog maar meer aan zoete dingen wil hebben) Het is een ervaring om zo'n ding eens te consumeren, maar ik begrijp nu wel waarom sommige Denen zo vet als modder zijn!
Daarna fietsen we weer terug naar de boot, alwaar we tegen 17.30 aankomen. We doen nog wat inkopen in de buurtwinkel en gaan daarna aan boord. Annet besluit onder de (gratis) douche te gaan en om 19.00 voldoen we onze betalingsverplichtingen in het kantoortje van de havenmeester.
We besluiten om morgen hetzij naar Dyvig, hetzij naar Sottrupskov Bro te gaan, beide zeer rustige aanlegplaatsen, vanwaar we wellicht nog een stukje kunnen fietsen.
De wind zal morgen (volgens de voorspellingen) ZW 3 worden, nauwelijks de moeite waard dus. We moeten maar zien hoever we op de zeilen kunnen (of willen) komen ...

zondag, 22 juli
Van: Aaroesund
Naar: Aabenraa
We staan om 08.30 op en beginnen met ontbijt. Daarna varen we de haven uit en zetten op het zeil koers naar de wind. We blijken 160 graden te kunnen halen. Dat is niet scherp genoeg om in de Als Fjord uit te komen, maar we kijken wel. Na een uur blijken we ongeveer voor Als langs te kunnen zeilen. Dat is ons niet goed genoeg. Vandaar dat we de fok weghalen en met het grootzeil als steun op de motor verder gaan. Nu richting Als Fjord.
Daar aangekomen (het is dan omstreeks 12.00 uur) gaan we wederom op de zeilen verder. De 160 graden van eerder op de morgen blijken nog steeds te gelden en zo komen we op het kruispunt tussen de Als en de Aabenraa Fjord. We besluiten over stuurboord de Aabenraa Fjord in te varen en leggen omstreeks 14.30 aan in de jachthaven van Aabenraa. We betalen bij de havenmeester het liggeld voor een nacht en besluiten, dat we het restaurant ter plaatse te duur vinden. We eten dus aan boord en maken daarna nog een korte fietstocht door het (inmiddels verlaten) winkelcentrum van Aabenraa. Daarna gaan we naar bed.

maandag, 23 juli
Van: Aabenraa
Naar: Sottrupskov Bro
De volgende dag varen we omstreeks 10.00 uur de haven uit en richten de koers naar de Als Fjord. Als we daar zijn varen we op de motor verder naar binnen. Er is te weinig wind om te zeilen. Bij de cardinale ton van de Als Sund aangekomen varen we richting Soenderborg. Als we echter voorbij de steiger van Sottrupskov Bro komen, besluiten we op het laatste moment daar te gaan liggen. Het is er vrijwel verlaten. Er ligt een enkel zeiljacht aan de steiger. Als we een uurtje liggen, komen er echter meer schepen ons voorbeeld volgen. In totaal liggen we met 5 schepen aan de steiger. Het is zo warm, dat Annet en ik besluiten een (heel) kort zwemtochtje te maken: van de boot naar de steigertrap. Met een Duitse buurman heb ik daarna in zwembroek een heel gesprek over de omgeving, die in voorbije eeuwen door oorlog geteisterd is. Het vorig jaar hebben we daar in het museum van Dybbol Moelle al het een en ander van gezien. De buurman blijkt nogal geinteresseerd te zijn in het verleden van de streek. In verband daarmee heeft hij zelfs wat Deens geleerd!!
Het blijkt een erg aardig plekje om te liggen. Je ziet de schepen onderweg naar Soenderborg en de Als Fjord voorbijvaren, en je hebt een uitzicht dat onovertroffen is! Geen havenmeester echter die liggeld komt innen. We zien de reden als we op de fiets langs de Sottrupskov Kro rijden. Ze blijken op maandag 'lukket' te zijn omdat ze dan hun rustdag hebben. Ook de havenmeester (die kennelijk aan de 'kroeg' verbonden is) heeft dan rust, wat kennelijk inhoudt, dat hij geen havengeld komt opvragen. Dat is voor het eerst in Denemarken!!!
We maken er dankbaar gebruik van en fietsen in de omgeving eerst een rondje naar het kasteel van Egeskov en 's avonds nog een stukje heen en weer naar de veerboot van Ballebro.

dinsdag, 24 juli
Van: Sottrupskov Bro
Naar: Gelting
Op de (inmiddels gebruikelijke) tijd van 08.30 staan we op en nemen ons ontbijt. Daarna maken we vaarklaar en steken van wal richting Soenderborg. Om 10.10 kunnen we aldaar door de brug. Buiten de haven zetten we zeil en het blijkt, dat we bijna Gelting (onze volgende haven, dit keer op Duits grondgebied) kunnen bezeilen. Halverwege de slag blijkt dat we het toch niet halen en stoom ik een half uurtje op de motor dwars tegen de wind in, tot we een punt bereikt hebben, dat Gelting wel gehaald kan worden. Daarna gaan we op de zeilen verder en komen omstreeks 13.00 uur in Gelting aan. Het is (als vanouds) een heel gezoek om de haveningang te vinden, maar (eveneens als vanouds) uiteindelijk lukt dat toch zonder problemen. We leggen aan in een (volgens ons) vrije box en gaan daarna op zoek naar de havenmeester. Die blijkt tot minstens 15.00 uur met zijn 'Mittagruhe' bezig, zodat we zijn voorbeeld maar snel volgen. Omstreeks 16.00 uur stappen we op de fiets en rijden naar Gelting. Daar bezoeken we een lokale supermart alwaar we enkele levensmiddelen ophalen, waarna we weer terug rijden naar Gelting. Daar betalen we ons havengeld en om 20.00 uur vervoegen we ons bij het havenrestaurant, waar we vis en vlees bestellen. Het eerste voor mij en het tweede voor Annette. Beide schotels bevallen uitstekend en worden besproeid met grote glazen bier. Ik neem als afsluiting nog een 'Nussknacker', wat een ijsschotel met noten blijkt te zijn, en Annette zegt zonder meer wel genoeg te hebben gehad. Voor 85 DM mogen we het etablissement weer verlaten, wat ons niet duur lijkt.

woensdag, 25 juli
Van: Gelting
Naar: Kappeln
Als we om 08.30 zijn opgestaan en hebben ontbeten, gooien we omstreeks 10.00 los en varen we richting vuurtoren Kalkgrund. In tegenstelling tot de met ons op zeilende Duitse watersporters houden wij onder de vuurtoren aan en wagen ons in het gebied van de ondieptes die daar ruim voorhanden zijn. We hebben echter zoveel vertrouwen in GPS en computer, dat we het wel aandurven. Dat blijkt terecht te zijn. Hoewel ik een aantal keren de dieptemeter aanzet om de zaak even te verifieren, blijken GPS en computer het volstrekt bij het rechte eind te hebben. Onze positie is tot op een tiental meters nauwkeurig op het laptopscherm te zien. Geen probleem dus.
De wind is echter wel een probleem. Tegen de tijd dat we Falshoeved voorbij zijn, loopt de snelheid terug tot minder dan 2 knopen. Dat is wel een beetje erg weinig. Vandaar dat we overstappen op het 'ijzeren zeil' en omstreeks 13.30 in Maasholm voor de kant liggen bij de dieselsteiger. Het duur ruim een half uur voor een bedienaar komt opdagen. Niettemin kunnen we 35 liters diesel tanken en zit onze tank daarmee weer vol. Als we alles een beetje proberen te middelen, gebruiken we iets meer dan 2 liter per uur. Wij vinden dat niet slecht.
Daarna varen we verder naar een jachthaven in Kappeln, net voor de brug, bij Johannes Ancker. Dat blijtk een werf/scheepswerkplaats te zijn, alwaar men tot 22.30 nog keihard doorwerkt aan schepen op de werf. Dit alles onder het genot van een hard aan staande radio, die zijn geluidsgolven dwars over het water van de Schlei gooit, alwaar ze weerkaatst worden door een aan de overkant liggende werkloze rondvaartboot . Zodoende horen we tot ver na zonsondergang de huidige Duitse schlagers van Heintje en consorten in stereo ... Niet echt een onverdeeld genoegen!

donderdag, 26 juli
Van: Kappeln
Naar: Eckernfoerde
Op de gebruikelijke tijd staan we op en begeven ons (na het wassen) eerst naar de locale Supermarkt, die slechts enkele tientallen meters bij de haven verwijderd is. Gisteren hebben we per fiets een hele zoekslag door Kappeln gemaakt om een Aldi te vinden en vonden die uiteindelijk op kilometers van onze ligplaats. We hadden dus beter in de directe omgeving om ons heen moeten kijken. We kopen broodjes en ham, en nemen daarna aan boord ons ontbijt.
Vlak voor ons vertrek worden we opgeschrikt door een telefoontje van Joyce, die huilend meldt dat ze voor het rijexamen gezakt is! En dat terwijl ze de bijzondere verrichtingen zonder problemen had afgelegd! Balen! We proberen haar moed in te spreken en stellen voor dat ze zo snel mogelijk een nieuw examen aanvraagt.
Daarna start ik de motor en verlaten we Kappeln. De wind is pal Oost, kracht 3, zodat we op de Schlei alvast het grootzeil kunnen bijzetten. Als we de havenhoofden van de Schleimonding hebben verlaten, zetten we ook de fok. Onmiddellijk valt de snelheid terug tot 3 knopen maximaal. Bovendien (en dat is erger!) vertoont de stuurautomaat kuren. Hij weigert langer dan een paar seconden zijn werk te doen en schakelt zichzelf dan in 'Standby' modus, wat wil zeggen, dat hij dus helemaal niets meer doet. Volgens het handboek wordt dat veroorzaakt door gebrek aan stroom. Of er is sprake van een korte onderbreking van de voedingsstroom, of er is gewoon te weinig vermogen in de accu. Ik vrees, dat het laatste het geval is. Die vrees wordt bevestigd, als ik (wanhopig over de geringe hoeveelheid wind) de motor bijzet. Onmiddellijk draait de stuurautomaat zonder kuren en neemt de gegevens van de GPS zonder problemen over. Nu draait immers de generator stroom en dat is wel voldoende voor de automaat. Ik zal de omvang en de kwaliteit van de lichtaccu nog eens moeten nagaan.
Langzaam voor de wind op de fok de Eckernfoerder Bucht in drijvend probeer ik wat te vissen. Tevergeefs helaas.
Om 14.30 leggen we aan in de haven en krijgen een box van de havenmeester toegewezen. Vervolgens houden we een uitgestelde siesta en gaan we per fiets naar Eckernfoerde om telefoonkaarten te pakken te krijgen. Dat lukt op het postkantoor. Een kaart voor de telefooncel kost 12,50 DM en een opwaardeerkaart voor de mobiele telefoon komt op 50 DM. Bovendien hebben we gezien, dat de kosten voor een telefoontje naar Nederland per mobiel komt op bijna 4 DM per minuut! De rovers!!!
Nadat we terug zijn op de boot besluiten we in het havenrestaurant op het balkonterras te eten. Dat bevalt uitstekend. Uitzicht over de hele haven in de stralende zon, en ondertussen lekker eten van een goed en goedkoop menu! Wederom bier om de vochthuishouding op peil te houden.
We gaan terug naar de boot, waar ik de route voor morgen in de computer en de GPS wurm. We zullen (naar het plan is) morgen naar Wendtorf gaan, aan de monding van de Kieler Fjord. Overmorgen starten we dan met het eerste deel van het NordOstseekanaal.

vrijdag, 27 juli
Van: Eckernfoerde
Naar: Wendtorf
Om 08.30 zijn we wakker en beginnen met toilet maken en ontbijten. Het is windstil, de zon schijnt en de hemel is strakblauw. De Optimisten, die hier bij tientallen aan een Regatta zullen deelnemen liggen nog werkloos op de kant. Er is zelfs voor hen niet het kleinste zuchtje wind. Om 09.30 maken we los en varen we de haven uit. Weldra kan de stuurautomaat de zaak overnemen en varen we over een spiegelgladde Eckernfoerder Bucht in de richting van Kiel. Onderweg zien we een groot marine-kraanschip passeren, alsmede een onderzeeboot, die aan de oppervlakte hard stomend op weg is naar huis. Kennelijk veel zin om aan het weekend te beginnen die mannen! In de nabijheid van de Kieler Foerde wordt het verkeer drukker. Een aantal keren moet ik uitwijken voor tegenliggers. Maar de GPS houdt de hoofdkoers in de gaten en feilloos stuurt hij aan op de verkenningston van Wendtorf, die wel erg dicht tegen de wal ligt. Vervolgens stuur ik op de hand de vaargeul in en leggen we aan in een enorme box, waar we de boot wel drie keer in kunnen laten rondvaren! Het levert nog wat problemen op met de achterlandvasten, die haastig moeten worden verlengd, hoewel ze gerust niet kinderachtig zijn uitgevallen!
Na een middagslaapje zoeken we de havenmeester op, die ons wegwijs maakt in de omgeving. Vlak bij blijkt een broodjeswinkel te zijn, waar we morgen verse bolletjes kunnen kopen. 's Avonds gaan we naar een restaurant eveneens in de buurt, alwaar Annet een steak en ik Noordzee schol geserveerd krijg. Het ziet er perfect uit en het smaakt uitstekend! Al met al komt het (inclusief bier, dessert en fooi) op 85 DM. Geen geld dus eigenlijk.
Terug op de boot kijken we het getijboekje na, om na te gaan wanneer we in Brunsbuettel zouden moeten vertrekken. Het blijkt, dat we waarschijnlijk het beste zouden kunnen doorvaren naar Cuxhaven, omdat we dan gemakkelijker met opkomend water richting Otterndorf kunnen komen. Bovendien hebben we dan tot het laatst de keuzemogelijkheid open van binnendoor of buitenom te gaan. Dat laatste is natuurlijk strikt afhankelijk van het meerdaagse weerbericht op dat moment. We zullen zien. Morgen willen we zo ver mogelijk in het Nordostseekanaal zien te komen, zodat we zondag speling hebben om rustig naar Cuxhaven of Otterndorf te varen.

zaterdag, 28 juli
Van: Wendtorf
Naar: Brunsbuettel
Omstreeks 09.30 verlaten we de haven van Wendtorf. Tegen half elf zijn we voor de ingang van het NOK. Eigenlijk hadden we bij Tiessen langs willen gaan, maar bij nader inzien zien we daarvan af. Het zou ons te lang ophouden. Achteraf gezien hadden we het misschien best kunnen doen, want pas om half twaalf zijn we eindelijk door de sluis en kunnen we aan de vaart op het NOK beginnen. Onderweg lopen we tegen een paar forse regenbuien op. Zo erg is het, dat ik (voor het eerst sinds minstens twee weken geleden) het complete zeilpak moet aantrekken. Bovendien monteren we bij de plek van de roerganger een paraplu, vastgebonden aan de pikhaak, zodat het sturen tenminste enigszins droog kan gebeuren. Na een half uur houdt de regen op en komt de hele dag niet meer terug. Na twee uur varen blijkt, dat de machine toch nog net een tandje harder moet. We varen niet snel genoeg om nog enigszins op tijd in Brunsbuttel te kunnen zijn. Vandaar dat ik de handel ietsje verder naar beneden druk. Dat helpt. We draaien nu 12 kilometer per uur en dat betekent dat we uiterlijk om 20.00 in Brunsbuttel zullen aankomen. Dat blijkt te kloppen. De Weichestelle achter de palen lijkt al vol te liggen, maar als we plompverloren naar voren varen, blijkt er vooraan nog ruimte genoeg voor ons te zijn overgelaten. Volgens een van de al voor de kant liggenden is er net iemand weggevaren. Zijn we dus precies op tijd.
Tijdens het varen hebben we op het laatste stukje voor Brunsbuttel al varend gegeten, zodat we onmiddellijk met koffie en sterkere zaken kunnen beginnen. De weersberichten zijn gunstig, maar waarschijnlijk niet zo positief, dat we de overtocht buitenom zullen wagen.
Na gemeen overleg besluiten we morgen in Brunsbuttel te blijven liggen, de kerkdienst bij te wonen, 's avonds nog ergens te eten en pas maandag op pad te gaan naar Otterndorf en verder.

zondag, 29 juli
Van: Brunsbuettel
Naar: Brunsbuettel
We worden om 08.15 gewekt door de havenmeester die zijn 12 DM wil hebben. Een redelijk christelijk tijdstip voor een havenmeester op een zondagmorgen! Daarna ontbijten we en maken ons gereed voor de kerkgang. Omstreeks 09.30 fietsen we al door de straten van Brunsbuttel, dat onverwacht druk blijkt te zijn. Er is kennelijk een braderie georganiseerd. Overal staan stalletjes met etens- en gebruikswaren. Een groenteman probeert een hele vrachtwagen vol vruchten (ananas, meloen, druiven, perziken, bananen, enz., enz.) aan het publiek te slijten. Hij vult telkens een draagmand met allerlei vruchten en vraagt daar dan 20 DM voor. Om het publiek te trekken en de aandacht vast te houden, gooit hij op gezette tijden handen vol mandarijnen, peren, appels, en zelfs ananassen het publiek in, dit alles luidkeels schreeuwend. Hij verkoopt heel wat!
Hierna rijden we naar de kerk en nemen plaats in een bank. Er blijken bij aanvang van de dienst een dikke dertig mensen aanwezig te zijn. De grijze pastor levert een degelijke preek, maar is wel heel erg formeel. Tot onze verrassing zien we een heel aantal jongeren in de kerk zitten, die echter na de dienst allemaal een groene kaart tevoorschijn halen, die kennelijk moet worden afgetekend ten bewijze dat ze geweest zijn. Heeft dat met hun catechese te maken of zo? Als slotlied wordt een tekst in het plat-Duits gezongen (Gott is bi di, wees mar nich bang), die bijna op Gronings lijkt!
Na de kerk lopen we weer even over de markt en gaan daarna naar de boot. We gebruiken 'Kaffee mit (gisteren in Wendtorf gekochte) Kuchen' en houden daarna een uitgebreide siesta.
Omstreeks 16.00 fietsen we een eind langs het NOK in de richting waaruit we gisteren gekomen zijn. Heel aardig om het bekende landschap nu van de andere (land) zijde te zien. De zon schijnt dat het een lieve lust is en het is fantastisch mooi weer.
's Avonds eten we bij een Italiaan. Annet neemt pizza en ik gebakken zwaardvis. Geen idee of het ook echt zwaardvis geweest is, maar het was wel lekker. IJs na.
Terug op de boot nemen we de gegevens voor morgen door. De sluis van Otterndorf draait van 12.15 - 16.15 (anderhalf tot vier uur na HW Brunsbuettel, wat morgen om 10.45 zal plaatsvinden. Het HW te Otterndorf zal om 10.07 zijn. We besluiten dan ter plaatse aanwezig te zijn. Dat betekent dat we om 08.00 door de sluis willen zijn, zodat we twee uur hebben om (tegen de vloed in) de acht mijlen naar Otterndorf te varen.
Dat betekent weer, dat we om (uiterlijk) kwart over 7 voor de sluis moeten ronddobberen (zodat de sluismeester drie kwartier heeft om ons naar de Elbe door te sluizen) en dat heeft tot gevolg, dat we om kwart voor zeven zullen moeten opstaan. Het luie leven lijkt afgelopen!
Wat de rest van het programma voor morgen betreft is alles in de schoot van de toekomst verborgen. Als we inderdaad omstreeks 12.00 naar binnen kunnen sluizen, zouden we misschien nog net Bremerhaven voor 18.00 kunnen halen. In dat geval proberen we door te varen naar Oldenburg. LW Bremerhaven is morgen namelijk om 16.06 en HW Oldenburg is om 00.30 of zoiets. We zouden dus stroom mee moeten hebben. Alles hangt echter af van de snelheid waarmee we de afstand Otterndorf - Bremerhaven kunnen overbruggen. Anders blijven we in Bremerhaven liggen en gaan dinsdag weer verder.

maandag, 30 juli
Van: Brunsbuettel
Naar: Bremerhaven
We staan vrij vroeg op: 07.00 uur en om 07.15 varen we naar de sluis. Ontbijten doen we rondjesdraaiend op het NOK. Helaas is de sluis net dichtgegaan toen wij aan kwamen varen. Dat betekent, dat we een schutting naar buiten en naar binnen moeten wachten. Maar daar hadden we op gerekend. De bedoeling is, dat we omstreeks 08.00 op de Elbe zullen zijn, zodat we onderweg kunnen gaan naar Otterndorf. Die verwachting komt uit. De wind staat pal uit het ZW en waait met een kracht 4 a 5, en de stroom is tenminste twee knopen tegen: HW Brunsbuettel is immers pas om 10.45! Met een snelheid van 3.6 tot (slechts nu en dan) 4 knopen varen we ver aan stuurboord van het vaarwater richting Otterndorf. Ik had gehoopt dat aan die kant de stroom wat minder sterk zou zijn. Dat valt een beetje tegen. Wel hebben we duidelijk minder last van de boeg- en hekgolven van passerende schepen. Dat is iets om voor later te onthouden. Om 10.00 kunnen we gaan opsteken naar het baken in de Medem en na een (wederom!) zenuwachtig stukje stuurwerk langs de prikken zijn we om 10.30 in de haven. We kunnen het schip pal met de kop in de wind leggen en dat is dus makkelijk met het strijken van de mast. Om 11.30 is dat karwei geklaard: niet slecht dus!
Het licht op de sluis is echter nog onvervalst rood. Het zou om 12.15 groen moeten worden, want dan zou de sluismeester volgens de boekjes aanvang moeten maken met sluizen. Dat blijkt dus een dik half uur later te worden. De reden blijft in het duister: een extra hoge waterstand, die het nodig maakte langer dan normaal te wachten? Of het feit, dat er filmopnames in en rond de sluis werden genomen, waarbij de sluiswachter allerlei zinloze handelingen aan rinketten (die hij nooit meer met de hand bedient!) moest verrichten? Laten we het maar met de mantel der liefde bedekken. Maar er waren die morgen heel wat watersporters, doelloos ronddobberend op het smalle vaarwater voor de sluis, terwijl het water steeds verder wegliep, die de sluismeester niet veel goeds hebben toegewenst!
Om 13.10 worden we naar binnen gesluisd en kan de reis naar Bederkesa/Bremerhaven een aanvang nemen. Wederom worden we in onze (illegale!) voornemens om te hard te varen gedwarsboomd door een stel zeer gezagsgetrouwe Duitse watersporters, die geen stap harder varen dan 10 km per uur, hoewel dat eigenlijk al 2 km te snel is. Zodoende komen we pas om half zeven bij de keersluis van de Geeste aan. Omdat we geen zin hebben de hele avond aan een paal in het water te liggen, zonder gelegenheid de kant op de gaan, besluiten we de nacht door te brengen in een klein haventje langs de boorden van de Geeste bij een lokale watersportvereniging. De diepte is eigenlijk iets te gering voor onze 1.10m, maar dat mag de pret niet drukken. Per fiets begeven we ons naar een Bremerhavens Internetcafe, alwaar ik mijn mail even kan afhandelen.
Om 21.00 schrijf ik dit verslag en daarna luisteren we naar de weersberichten voor morgen.

dinsdag, 31 juli
Van: Bremerhaven
Naar: Surwold
Om kwart voor zeven staan we lichtelijk onwillig op. Annet wil eerst koffie zetten en brood klaarmaken, maar ik zie, dat het al bijna zeven uur is. En ik wil beslist voor zeven voor de sluis liggen om te voorkomen, dat de sluiswachter ons pas om 8 uur sluist. Bij het wegvaren blijken we tegen de ondiepe kant inderdaad enigszins vast te liggen. Een beetje extra gas achteruit is echter voldoende om los te komen. Bij de sluis komt de sluismeester net aanlopen en kunnen we direct naar binnen. Binnen een kwartier zijn we gesluisd en varen we op de Geeste. Hier weer het vertrouwde beeld van beslikte rivieroevers, waar bootjes amechtig op het droge liggen. Echt getijdewater! Als we de haven uit willen varen steekt juist een binnenvaartschipper voor ons van wal, wil de veerpont ook net losgooien en vaart een schip van het Schiffartsamt voor ons weg! Het is me de drukte wel. Gelukkig houdt ieder zich aan de regels en verlopen de zaken zonder problemen. Op de Weser hebben we meteen 1 knoop stroom mee, wat al snel oploopt tot 2 knopen! Die snelheid (8 knopen in totaal) houden we tot de ingang van de Hunte. Ik verwacht dat de snelheid daar wel wat terug zal lopen. De Hunte is immers een kleinere rivier. Daar blijkt echter geen sprake van! We halen nu en dan zelfs de 8,5 knoop! Om 12.00 uur zijn we dan ook in Oldenburg. Helaas gaat vlak voor ons de spoorbrug open en varen een drietal binnenschepen door de brugopening. Dat is een streep door de rekening. Het betekent immers wachten voor de sluis en waarschijnlijk ook langzaam varen op het Kuestenkanal. Om de eerste wachtperiode aan ons voorbij te laten gaan, besluiten we in Oldenburg even wat inkopen te doen: op de fiets gaan we naar Aldi en halen daar allerlei levensmiddelen, zoals bier, Mummelmann, maagbitter en andere onmisbare artikelen.
Vervolgens is het kwart over 1 geworden en varen we naar de sluis. Daar gaat een groot leeg vrachtschip naar binnen en samen met twee Duitse bootjes mogen ook wij in de schutting mee. Op het kanaal aangekomen (het is dan 2 uur) wordt het inderdaad in eerste instantie langzaam varen achter de vrachtvaarder. Maar verderop laat onze voorganger de snelheid oplopen tot 6 knopen. Als ik nu en dan even volle kracht inschakel, kan ik hem net bijhouden. Dat blijkt een goede keus te zijn. De binnenvaartschipper haalt verschillende langzaam varende (want geladen) collega's in en als die hem zien aankomen, houden ze even de snelheid in, zodat betrokkene kan passeren. Wij sluiten dan onmiddellijk aan en gaan in dezelfde passage mee. Wel een beetje griezelig: een groot schip op een twintig meter voor ons met een schroefwerking, die ons dwars kan gooien als we niet uitkijken en een ander groot schip op een paar meter naast ons, met een zuiging, die niet gering is. Ondertussen draait de Bukh op volle kracht om ons bruisend en schuimend, stapje voor stapje aan het geladen schip voorbij te helpen. De vaart over het Kuestenkanal saai? Ik snap niet waar u het over heeft!
Om zeven uur 's avonds houden we het voor gezien. We draaien het haventje van Surwold in, alwaar we willen overnachten. Dit is kennelijk de vakantie van de havens waar we nog nooit eerder geweest zijn, want Surwold zien we nu ook voor de eerste keer!
Het blijkt behoorlijk druk te worden, maar ieder krijgt een plaatsje.
Na het douchen (Annet) gaan we per fiets Surwold verkennen. Dat lijkt op het eerste gezicht een plaatsje van niks te zijn (en op het tweede gezicht ook nog wel), maar bij nadere beschouwing is er toch nog wel iets te beleven. Zo is er de Johannesburg, een heel complex van kerk, raadhuis, gebouwen van een stichting, die zich met de verzorging van (zwakzinnige?) mensen bezighoudt, en volgens een stel Surwoldse straatjongens ook nog een gesticht voor moeilijk opvoedbare kinderen. Verder blijkt Surwold zichzelf als 'Erholungsort' te presenteren, waarbij de lokale inwoners hun eigen (en andere) woningen tot 'Ferienwohnung' hebben omgetoverd. Tijdens de fietstocht was ons al opgevallen, dat de huizen er duur en pompeus uitzien, alsof er uitsluitend directeuren van grote bedrijven gevestigd zijn. Verder blijkt er een klein bedrijventerreintje te zijn, waar zich een supermarkt en een bistro en een kiosk bevinden. Goed voor 'Frische Broetchen' in de morgen, zij het pas vanaf 08.00 uur (zoals we de volgende dag tot onze ellende om half acht ontdekken!)
De straatjongens, die ons in Surwold ronleidden, zijn in eerste instantie nogal geimponeerd door de vouwfietsen, die in die omstreken kennelijk niet erg bekend zijn. Na een demonstratie (door mij) hoe hard je ermee kunt fietsen en een demonstratie (door Annet) van hoe je het ding opvouwt, zijn de knapen niet meer bij ons weg te slaan. Zelf rijden ze op mountainbikes, waarvan met trots vermeld wordt dat de ene 21 en de andere 18 versnellingen heeft. Hoe meer versnellingen, hoe hoger prestige, kennelijk ...
Na als slaapmutsje een Boonekamp te hebben gedronken (een medisch goedgekeurd maagbitter) hebben we in Surwold heerlijk geslapen.

woensdag, 1 augustus
Van: Surwold
Naar: Groningen
Na (zie gisteren) tevergeefs om half acht geprobeerd te hebben om verse broodjes te pakken te krijgen, ontbijten we met gewoon brood. Vervolgens varen we om 08.30 weg en komen we drie kwartier later bij de sluis van Doerpen. Ik heb achter ons een vrachtvaarder ontwaard, maar meld daar per marifoon (uiteraard!) niets van aan de sluiswachter. Zelf heeft betrokkene zich ook niet vooraf gemeld, zodat de sluis voor ons wordt opengemaakt. Als de deuren al dichtgaan, vraagt de vrachtvaarder of hij ook nog mee kan. Dat kan dan dus niet meer. Had hij zich maar eerder moeten melden! Wij stomen intussen hard naar Boellingerfaehr, alwaar wij voor onze manipulaties bij Doerpen gestraft worden doordat nu tegen ons gezegd wordt: had u zich eerder gemeld, dan had u nog meegekund! Niettemin worden we een half uurtje later doorgelaten. In Herbrum geschiedt het onvoorstelbare. Bij het aanvaren zie ik een laatste jacht de sluis in schutteren, terwijl de lichten op groen staan. Onmiddellijk meld ik me bij de sluismeester per marifoon. De man vraagt waar ik dan ergens ben. Ik zeg: voor de sluis. Hij veronderstelt, dat ik te laat zal zijn. Ik zeg: ik kan de groene lichten al zien. Hij weer: maar het duurt nog vijf minuten voor u er bent. Ik zeg: ik ben er in een minuut. Reactie van de sluismeester: 'Na gut ... in Gottes Namen!' Indrukwekkende verandering sinds de vorige keren, waar hij ons soms wel anderhalf tot twee uur lang voor nop liet wachten!
Om half twaalf varen we de Eems op.
Pas bij Weener beginnen we (anderhalf uur later) wat stroom mee te krijgen, tot de snelheid bij Emden opliep tot zo'n 8 knopen. De zeegang valt zeer mee. Voor de Deutsche Bucht is 4/5 afgegeven, terwijl de Nederlandse weermannen gezegd hebben dat er in Nederland weinig wind zal zijn. Het hangt er dus vanaf bij welk gedeelte de Eems zichzelf gerekend wil hebben: bij de Duitse Bocht of bij Nederland. Kennelijk is het laatste het geval: er staat niet meer dan windje 3 uit het NW. Dat levert dus geen zee van betekenis op. De enige golven die met beleid genomen moeten worden zijn van een voorbijvarende sleepboot afkomstig. Zodoende varen we om half vijf de sluis van Delfzijl in en liggen we om vijf uur bij de olieboer om de diesel aan te vullen. Helaas neemt dat nogal wat tijd in beslag. Pas om half zes varen we verder het Eemskanaal op. Aldaar bewijst de marifoon weer onmisbare diensten bij het vlot en zonder vertraging openen van de verschillende bruggen. Om acht uur kunnen we de openstaande Oostersluis in achter een Belgische vrachtvaarder die ons bij Delfzijl al voorbijgevaren is: had hij ons dus maar moeten laten voorgaan! En om half negen liggen we in Groningen op de vanouds bekende plek voor de wal.
Aldaar bellen we Kees en Tineke, die thuis blijken te zijn. Ze komen langs en gezeten in de kuip wisselen we verhalen uit.
Het is erg gezellig. We krijgen te horen over hun reis naar Zuid-Afrika, en ze hebben een speciaal drankje uit die omstreken meegenomen: een mix van Creme de Menthe en Koffielikeur, grappige combinatie die bruine en groene kleur, die zorgvuldig gescheiden moeten blijven. In het glas tenminste, want nadat je het glas 'bottom up' geledigd hebt, dien je de dranken in je mond te vermengen alvorens de hele zaak door te slikken. Grappig en lekker!
Het is dan ook al laat als Kees en Tineke weer weg gaan. Wij gaan dan naar bed.

donderdag, 2 augustus
Van: Groningen
Naar: Uitwellingerga
We staan niet al te laat op. Omstreeks 07.30 varen we alweer. Dit keer onderweg naar Uitwellingerga. De reis verloopt voorspoedig. Het is zonnig en winderig en het Prinses Margrietkanaal zit vol met zeilers en motorbootvaarders. Vooral ter hoogte van Grouw is het een gekkenhuis op het water. Een enkele beroepsvaarder waagt zijn eigen en andermans leven door er midden tussendoor te stomen. Niettemin loopt alles goed af. Het is amper twee uur als we de vaart naar Uitwellingerga binnenvaren. Aldaar aangekomen blijkt de loswal geheel bezet te zijn. Er liggen een platbodem (die daar kennelijk ook hoort) en twee motorjachten. Wij leggen aan naast de platbodem en besluiten onmiddellijk de mast te zetten. Voor morgen is meer wind voorspeld, dus we kunnen het maar het beste zo snel mogelijk doen. Dat lukt ook inderdaad. In een rustig doch gestaag tempo zetten we de mast in amper anderhalf uur! We worden nog experts! Daarna pakken we de fiets en rijden naar Sneek, alwaar we de drukte in de stad bekijken. Om half zeven komen Herman en Regina met hun dochter Sterre bij ons op bezoek. Ze hadden de boot nog niet gezien en zijn zeer onder de indruk. Na een uur gaan ze weer verder om bij Henk en Jannie hun zoon weer op te halen, die daar gelogeerd is. Wij informeren bij een autochtoon naar de dichtstbijzijnde Chinees en deze verwijst ons naar een 'Waterchinees', een nieuw gebouw aan de haven in Sneek. Aldaar blijkt een specialiteitenrestaurant gevestigd, waar dus niet de hoeveelheid, maar de kwaliteit en de bediening centraal staan. Dat blijkt ook in de prijzen, die behoorlijk hoog zijn. De kwaliteit van de gerechten is inderdaad voortreffelijk, maar de bediening (en dan vooral de snelheid ervan) laat zeer te wensen over. Zodanig zelfs, dat ik officieel van mijn ontstemming blijk geef. Dat levert weliswaar een gratis drankje op, maar het restaurant heeft wat mij betreft afgedaan. Jammer, maar helaas.
We besluiten nog een dag in Uitwellingerga te blijven, in verband met de verjaardag van Regina morgen, die wij dan met een bezoek kunnen vereren.

vrijdag, 3 augustus
Van: Uitwellingerga
Naar: Uitwellingerga
We staan laat op en halen daarna broodjes bij de supermarkt en (als we gemerkt hebben dat die niet echt vers zijn) bij de lokale bakker (die zijn waar overigens waarschijnlijk ook van een regionale broodfabriek krijgt!). Vervolgens ontbijten we en stappen dan op de fiets om een bezoek aan Regina te brengen. Onderweg kopen we een bloemetje voor de gelegenheid en leggen dan tot omstreeks 12.00 uur ons verjaardagsbezoek af. Daarna rijden we door naar het Starteiland in het Sneekermeer, alwaar we de finale willen aanschouwen van het Skutsjesilen. De overtocht kost 5 gulden per persoon, tegen de helft in normale omstandigheden, maar dit hoogtepunt in de Friese folklore rechtvaardigt dat prijsverschil! We lopen naar een dijkje aan de oostkant van het starteiland en hebben dan een perfect uitzicht op de wedstrijdbaan van de skutsjes. Het duurt niet lang voor de uitslag van de wedstrijd bekend is. Het waait namelijk hard: W5 met uitschieters naar 6. Alle skutsjes hebben een gereefd grootzeil en een gereefde fok. Nu en dan gaan de boten meer dan 45 graden op hun kant, wat spectaculaire beelden oplevert. Sneek wint de wedstrijd, gevolgd door Leeuwarden en Lemmer. Het eindklassement wordt door Grouw gewonnen, die de finale niet eens heeft meegezeild! Men stond al zoveel punten voor, dat men de wedstrijdpunten niet meer nodig had. Bovendien vreesde Grouw voor zijn tuig! Nogal laf dus eigenlijk! Later hebben we contact met Uitwellingaaster Friezen, die daar ook wel een beetje schande van spreken!
We blijven het eind van de wedstrijd niet afwachten. De uitslag is immers na twee ronden al duidelijk. We fietsen dus terug naar Uitwellingerga, maar informeren nog even naar de festiviteiten in Sneek. Vanavond zal de Sneekweek geopend worden met een botenparade door de grachten. Aanvang 22.00 uur.
Na een uitgestelde siesta gaan we wederom op de fiets naar Sneek, alwaar we eerst een restaurant bezoeken. We eten schnitzel met patat en salade, besproeid met bier en tonic en bekijken daarna de lokale kermis en luisteren naar de Straatklinkers, een band uit Sassenheim. Hoop reuring in de stad dus, maar de optocht duurt Annet toch te lang. Vandaar dat we omstreeks 20.30 terug fietsen naar de boot. Onderweg worden we gebeld door Henk en Jannie, die vragen of ze langs kunnen komen. Dat kan natuurlijk. Zodoende zitten we tot 23.00 uur (bij het licht van een olielamp) in de kuip te praten, eten en drinken, en wisselen we verhalen uit over kinderen, kleinkinderen, pensioenen, vakanties en bezigheden na je 60ste.
Daarna gaan Henk en Jannie terug naar hun tent en gaan wij slapen.

zaterdag, 4 augustus
Van: Uitwellingerga
Naar: Lelystad
Omstreeks 09.30 vertrekken we uit Uitwellingerga, nadat we eerst ontbeten hebben. Het regent nu en dan en de regenpakken en laarzen moeten wel aan. Bovendien ervaren we zowel bij de brug van Uitwellingerga als bij de brug van Spannenga, dat een staande mast ook nadelen heeft. We komen omstreeks 12.00 uur (mede door die mast dus!) net te laat bij de sluis van Lemmer. De wind is pal W kracht 5 met uitschieters naar 6. Het is dus niet prettig liggen aan lagerwal. Omstreeks 13.00 kunnen we door de sluis en stomen we richting het keerpunt Rotterdamse hoek / Lemmer. Bij het punt aangekomen besluiten we (vanwege de golven en het buiswater dat bij bakken overkwam!) om richting Lemmer te varen. Om 13.30 liggen we voor de kant en lopen we het stadje in. Bij een restaurantje aan de vaart (in het centrum van Lemmer) bestellen we kibbeling met patat en salade en brengen daarna een bezoek aan de locale Aldi, waar we bier en Isostar ophalen. Daarna slapen en luieren we tot 18.00 uur. De wind waait bij voortduur met kracht 5 uit het westen, maar daarna begint de windkracht af te flauwen. Derhalve besluiten we om 18.30 te vertrekken richting Houtribsluizen. Het kost wat moeite (vooral tot de Rotterdamse Hoek) om vol te houden, maar uiteindelijk komen we om 21.30 in de Flevohaven aan. De havenmeester is om 17.00 al naar huis gegaan en wij leggen dus aan bij de meldsteiger. Morgen betalen we wel. Na Mummelmann en bier gaan we om 23.00 naar bed!

zondag, 5 augustus
Van: Lelystad
Naar: Monnickendam
Als we zijn opgestaan, zien we dat het weer niet echt veel beter is geworden. Nog steeds wind W-SW 5 en mogelijk nog harder. We halen eerst broodjes en voldoen onze liggeld verplichtingen. Het blijkt hier niet goedkoop te zijn: 30 gulden voor 1 nacht! Het lijkt Denemarken wel. Na het ontbijt maken we los en varen naar de sluis. Buiten gekomen staan de kopjes op het water en vrees ik het ergste. Toch eerst maar door de sluis varen. Dan kunnen we aan de andere kant wel verder kijken.
Terwijl we in de sluis liggen horen we op de marifoon de melding van een waterhoos, die uit de richting Marken op ons af zou komen. Inderdaad is de lucht in die richting inktzwart. Dat ziet er niet best uit. Even later wordt gemeld, dat de hoos weer zou zijn opgelost.
Daarna varen we de sluis weer uit en kunnen we gaan bekijken hoe het aan de andere kant van de dijk gesteld is. Dat lijkt in eerste instantie mee te vallen. Als we voorbij de opening in de dijk varen verwacht ik eigenlijk dat de rollers uit het westen wel in de haven zullen door staan, maar dat blijkt niet het geval. Ook bij de meest zuidelijke opening is het zeetje niet zo ruw als ik wel gedacht had. We besluiten derhalve het er maar op te wagen en op de motor richting Monnickendam te varen. Dat is pal west en dus vrijwel recht tegen de golven in.
Halverwege de tocht (midden op het Markermeer dus) komt er toch nog wat extra wind en golven op ons af, maar wegschuilend onder de buiskap laten we de stuurautomaat het werk doen en arriveren zo tegen 13.00 uur voor Volendam. Nog een half uurtje varen en we kunnen weer op ons oude plekje bij Hemmeland aanleggen.
Om 17.00 komt Reynold ons ophalen en hebben we een schitterende vakantie afgesloten!